BWBR0031701
Geldig vanaf 2012-07-25
Artikel 4
Besluit Liberaliseringsrichtlijn
1. De Autoriteit Consument en Markt houdt bij de vaststelling of er sprake is van het in gedrang komen van het economisch evenwicht van één of meer concessies, bedoeld in artikel 19, achtste lid, van de wet, rekening met te verwachten markt- en dienstverleningsontwikkelingen.
2. De Autoriteit Consument en Markt beoordeelt de gevolgen voor het economisch evenwicht van een concessie op basis van al het nieuwe grensoverschrijdend openbaar vervoer per trein dat zonder concessie naar verwachting plaatsvindt of zal plaatsvinden.
3. De Autoriteit Consument en Markt verricht een economische analyse ten behoeve van de vaststelling, bedoeld in het eerste lid.
4. De Autoriteit Consument en Markt doet mededeling in de Staatscourant van haar methode voor de te verrichten economische analyse en van wijzigingen daarvan.
5. De Autoriteit Consument en Markt biedt de houders van een concessie voor het openbaar vervoer per trein en de verleners van een dergelijke concessie, voor het tijdstip van de in het vierde lid bedoelde mededeling, de gelegenheid om hun zienswijze naar voren te brengen over het ontwerp voor haar methode en van de wijzigingen daarvan.
6. De Autoriteit Consument en Markt kan, in afwijking van het vierde lid, op andere geschikte wijze mededeling doen van de bijlagen, waarvoor dat in de mededeling, bedoeld in het vierde lid, is aangegeven.
2. De Autoriteit Consument en Markt beoordeelt de gevolgen voor het economisch evenwicht van een concessie op basis van al het nieuwe grensoverschrijdend openbaar vervoer per trein dat zonder concessie naar verwachting plaatsvindt of zal plaatsvinden.
3. De Autoriteit Consument en Markt verricht een economische analyse ten behoeve van de vaststelling, bedoeld in het eerste lid.
4. De Autoriteit Consument en Markt doet mededeling in de Staatscourant van haar methode voor de te verrichten economische analyse en van wijzigingen daarvan.
5. De Autoriteit Consument en Markt biedt de houders van een concessie voor het openbaar vervoer per trein en de verleners van een dergelijke concessie, voor het tijdstip van de in het vierde lid bedoelde mededeling, de gelegenheid om hun zienswijze naar voren te brengen over het ontwerp voor haar methode en van de wijzigingen daarvan.
6. De Autoriteit Consument en Markt kan, in afwijking van het vierde lid, op andere geschikte wijze mededeling doen van de bijlagen, waarvoor dat in de mededeling, bedoeld in het vierde lid, is aangegeven.