BWBR0031638
Geldig vanaf 09-06-2012
Artikel 2
Beleidsregels vergoeding hoorhulpmiddelen
1. De aanvrager van de vergoeding van hoorhulpmiddelen verstrekt gelijktijdig of onmiddellijk aansluitend op zijn aanvraag ten minste de volgende gegevens:
a. een rapportage van de arbodienst met daarin een beschrijving van de belemmeringen die worden ondervonden in het werk;
b. een rapportage van een klinisch fysicus-audioloog verbonden aan een audiologisch centrum dat voldoet aan het FENAC-kwaliteitskader waarin verslag wordt gedaan van de audiologische, communicatieve en psychosociale aspecten van het hoorprobleem van de aanvrager in relatie tot de te verrichten arbeid, met daarbij de resultaten van het doorlopen revalidatietraject. Waar nodig zal de klinisch fysicus-audioloog een KNO-arts of andere medisch specialist consulteren. Deze rapportage is op het moment van de aanvraag niet ouder dan zes maanden;
c. een omschrijving van de hoorhulpmiddelen waarvoor de gevraagde vergoeding gewenst is;
d. een beschikking van de zorgverzekeraar waaruit blijkt dat een vergoeding is toegekend of afgewezen, en
e. een afschrift van de nota of van de offerte.
2. Indien na herhaald verzoek een of meer van de in het eerste lid genoemde bijlagen ontbreken wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.
a. een rapportage van de arbodienst met daarin een beschrijving van de belemmeringen die worden ondervonden in het werk;
b. een rapportage van een klinisch fysicus-audioloog verbonden aan een audiologisch centrum dat voldoet aan het FENAC-kwaliteitskader waarin verslag wordt gedaan van de audiologische, communicatieve en psychosociale aspecten van het hoorprobleem van de aanvrager in relatie tot de te verrichten arbeid, met daarbij de resultaten van het doorlopen revalidatietraject. Waar nodig zal de klinisch fysicus-audioloog een KNO-arts of andere medisch specialist consulteren. Deze rapportage is op het moment van de aanvraag niet ouder dan zes maanden;
c. een omschrijving van de hoorhulpmiddelen waarvoor de gevraagde vergoeding gewenst is;
d. een beschikking van de zorgverzekeraar waaruit blijkt dat een vergoeding is toegekend of afgewezen, en
e. een afschrift van de nota of van de offerte.
2. Indien na herhaald verzoek een of meer van de in het eerste lid genoemde bijlagen ontbreken wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0031638
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl