1. Voor zover het onderzoek van de commissie betrekking heeft op de sector van de educatie en het beroepsonderwijs, vervult de commissie haar taak op basis van
artikel 2.5.6dan wel
artikel 2.5.10juncto artikel 2.5.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs. Het bevoegd gezag van de instelling verstrekt conform het bepaalde in artikel 2.5.6 van genoemde wet aan de commissie alle inlichtingen die de commissie voor de uitvoering van haar taak nodig oordeelt. De commissie krijgt desgevraagd inzage in informatie, boeken en bescheiden.
2. Voor zover het onderzoek van de commissie betrekking heeft op de sector van het voortgezet onderwijs, vervult de commissie haar taak op basis van
artikel 19 van het Bekostigingsbesluit WVO. Het bevoegd gezag van de school verstrekt conform het bepaalde in dat artikel 19 aan de commissie alle inlichtingen die de commissie voor de uitvoering van haar taak nodig oordeelt. De commissie krijgt desgevraagd inzage in informatie, boeken en bescheiden.
3. De commissie heeft mandaat voor het uitoefenen van de bevoegdheden, bedoeld in de
artikelen 43en
43a, van de Comptabiliteitswet 2001.
4. De commissie oefent de bevoegdheden, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, slechts uit voor zover dat voor de vervulling van haar taak redelijkerwijs nodig is. Bij een verzoek om inlichtingen te verstrekken geeft zij de grondslag aan op grond waarvan dat verzoek wordt gedaan en het doel waarvoor de inlichtingen worden gevraagd.