BWBR0031477
Geldig vanaf 2012-07-01
Artikel 37
Besluit geluid milieubeheer
Ten aanzien van de geluidsgevoelige objecten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel a tot en met g, die voor het aanbrengen van geluidwerende maatregelen aan de gevel in aanmerking worden genomen, is hoofdstuk 6 van het Besluit geluidhindervan overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
a. de minister uitvoering geeft aan de artikelen 6.4, tweede en derde lid, 6.6, 6.8, vierde lid, en 6.9, tweede, derde en vierde lid;
b. in de artikelen 6.2, 6.5, 6.8 en 6.10 in plaats van «het bevoegd gezag» telkens wordt gelezen «de beheerder»;
c. in plaats van «andere geluidsgevoelige gebouwen» telkens wordt gelezen «geluidsgevoelige objecten als bedoeld in artikel 2, aanhef en onderdeel b tot en met g, van het Besluit geluid milieubeheer», en
d. in plaats van «andere geluidsgevoelige gebouw» telkens wordt gelezen «geluidsgevoelige object, bedoeld in artikel 2, aanhef en onderdeel b tot en met g, van het Besluit geluid milieubeheer».
a. de minister uitvoering geeft aan de artikelen 6.4, tweede en derde lid, 6.6, 6.8, vierde lid, en 6.9, tweede, derde en vierde lid;
b. in de artikelen 6.2, 6.5, 6.8 en 6.10 in plaats van «het bevoegd gezag» telkens wordt gelezen «de beheerder»;
c. in plaats van «andere geluidsgevoelige gebouwen» telkens wordt gelezen «geluidsgevoelige objecten als bedoeld in artikel 2, aanhef en onderdeel b tot en met g, van het Besluit geluid milieubeheer», en
d. in plaats van «andere geluidsgevoelige gebouw» telkens wordt gelezen «geluidsgevoelige object, bedoeld in artikel 2, aanhef en onderdeel b tot en met g, van het Besluit geluid milieubeheer».