Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. de minister: de minister-president, Minister van Algemene Zaken;
b. het ministerie: het ministerie van Algemene Zaken;
c. medewerker: degene die op basis van een ambtelijke aanstelling werkzaamheden verricht of heeft verricht bij het ministerie van Algemene Zaken;
d. bezwaar: een bezwaar als bedoeld in artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht;
e. de Commissie BZK: de bezwarencommissie personele aangelegenheden Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties als bedoeld in het Besluit instelling bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden BZK;
a. de minister: de minister-president, Minister van Algemene Zaken;
b. het ministerie: het ministerie van Algemene Zaken;
c. medewerker: degene die op basis van een ambtelijke aanstelling werkzaamheden verricht of heeft verricht bij het ministerie van Algemene Zaken;
d. bezwaar: een bezwaar als bedoeld in artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht;
e. de Commissie BZK: de bezwarencommissie personele aangelegenheden Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties als bedoeld in het Besluit instelling bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden BZK;