BWBR0030978
Geldig vanaf 2012-01-01
Artikel 7
Tijdelijk besluit zelfstandige bevoegdheid physician assistant
1. De physician assistant is bevoegd tot:
a. het verrichten van heelkundige handelingen;
b. het verrichten van endoscopieën;
c. het verrichten van catheterisaties;
d. het geven van injecties;
e. het verrichten van puncties;
f. het verrichten van electieve cardioversie;
g. het toepassen van defibrillatie;
h. het voorschrijven van UR-geneesmiddelen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel s, van de Geneesmiddelenwet.
2. De bevoegdheid, genoemd in het eerste lid, geldt uitsluitend voor zover het betreft:
a. handelingen die vallen binnen het deskundigheidsgebied, bedoeld in artikel 6;
b. handelingen van een beperkte complexiteit;
c. routinematige handelingen;
d. handelingen waarvan de risico’s te overzien zijn;
e. handelingen die worden uitgeoefend volgens landelijke geldende richtlijnen, standaarden en daarvan afgeleide protocollen.
a. het verrichten van heelkundige handelingen;
b. het verrichten van endoscopieën;
c. het verrichten van catheterisaties;
d. het geven van injecties;
e. het verrichten van puncties;
f. het verrichten van electieve cardioversie;
g. het toepassen van defibrillatie;
h. het voorschrijven van UR-geneesmiddelen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel s, van de Geneesmiddelenwet.
2. De bevoegdheid, genoemd in het eerste lid, geldt uitsluitend voor zover het betreft:
a. handelingen die vallen binnen het deskundigheidsgebied, bedoeld in artikel 6;
b. handelingen van een beperkte complexiteit;
c. routinematige handelingen;
d. handelingen waarvan de risico’s te overzien zijn;
e. handelingen die worden uitgeoefend volgens landelijke geldende richtlijnen, standaarden en daarvan afgeleide protocollen.