BWBR0030837
Geldig vanaf 2012-11-19
Artikel 3
Organisatieregeling Ministerie van Veiligheid en Justitie 2011
1. De secretaris-generaal is ambtelijk eindverantwoordelijk voor de leiding van de in artikel 2genoemde dienstonderdelen.
2. De secretaris-generaal wordt bij afwezigheid vervangen door de loco-secretaris-generaal. Als loco-secretaris-generaal wordt aangewezen de directeur-generaal van het directoraat-generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving.
3. Bij afwezigheid van de secretaris-generaal en de loco-secretaris-generaal wordt de secretaris-generaal vervangen door de directeur Wetgeving en Juridische Zaken. Indien ook deze afwezig is, vindt vervanging plaats door een van directeuren-generaal of de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid, in volgorde van de datum van benoeming. Indien ook geen directeur-generaal noch de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid aanwezig is, wordt de secretaris-generaal vervangen door de plaatsvervangend secretaris-generaal.
4. De hoofden van de clusters zijn belast met de beleids- en bedrijfsvoering van de tot hun cluster behorende onderdelen.
5. Eén van de tot het directoraat-generaal behorende directeuren wordt op voordracht van de desbetreffende directeur-generaal namens de minister door de secretaris-generaal aangewezen als plaatsvervangend directeur-generaal. Het voorgaande is van overeenkomstige toepassing op de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid en het hoofd van de Inspectie Veiligheid en Justitie.
6. De secretaris-generaal (voorzitter), de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeuren-generaal en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid vormen samen de bestuursraad. De bestuursraad formuleert de ministeriebrede en gemeenschappelijke kaders en bewaakt dat de activiteiten en het beleid van de onderscheiden clusters daarbinnen blijven. De voorzitter van het College van procureurs-generaal neemt als toehoorder deel aan de bestuursraad.
2. De secretaris-generaal wordt bij afwezigheid vervangen door de loco-secretaris-generaal. Als loco-secretaris-generaal wordt aangewezen de directeur-generaal van het directoraat-generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving.
3. Bij afwezigheid van de secretaris-generaal en de loco-secretaris-generaal wordt de secretaris-generaal vervangen door de directeur Wetgeving en Juridische Zaken. Indien ook deze afwezig is, vindt vervanging plaats door een van directeuren-generaal of de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid, in volgorde van de datum van benoeming. Indien ook geen directeur-generaal noch de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid aanwezig is, wordt de secretaris-generaal vervangen door de plaatsvervangend secretaris-generaal.
4. De hoofden van de clusters zijn belast met de beleids- en bedrijfsvoering van de tot hun cluster behorende onderdelen.
5. Eén van de tot het directoraat-generaal behorende directeuren wordt op voordracht van de desbetreffende directeur-generaal namens de minister door de secretaris-generaal aangewezen als plaatsvervangend directeur-generaal. Het voorgaande is van overeenkomstige toepassing op de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid en het hoofd van de Inspectie Veiligheid en Justitie.
6. De secretaris-generaal (voorzitter), de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeuren-generaal en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid vormen samen de bestuursraad. De bestuursraad formuleert de ministeriebrede en gemeenschappelijke kaders en bewaakt dat de activiteiten en het beleid van de onderscheiden clusters daarbinnen blijven. De voorzitter van het College van procureurs-generaal neemt als toehoorder deel aan de bestuursraad.