BWBR0030490
Geldig vanaf 2011-10-03
Artikel 6
Aanwijzing opbrengstverrekening cggz-instellingen en enkele andere opbrengstverrekening aangelegenheden
1. De zorgautoriteit stelt voor de afrekening van het budgetjaar 2010 en daarna voor ieder volgend jaar, mede op basis van door het Zorginstituut verstrekte gegevens, per instelling ambtshalve vast, welk deel van het opbrengstverschil, zoals genoemd in artikel 4, eerste lid, is toe te rekenen aan te onderscheiden individuele, in het desbetreffende jaar werkzame:
a. zorgverzekeraars als bedoeld in de Zorgverzekeringswet en
b. andere particuliere verzekeraars, zijnde financiële ondernemingen die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van verzekeraar uitoefenen.
2. De zorgautoriteit vermeldt de in het vorige lid bedoelde toerekening naar verzekeraars in een brief waarmee zij het bedrag, bedoeld in artikel 4, tweede lid, aan de desbetreffende instelling bekend maakt.
3. De zorgautoriteit vermeldt de in het eerste lid bedoelde toerekening voor de onderscheiden individuele verzekeraar in een brief waarmee zij het bedrag, bedoeld in artikel 4, tweede lid, aan deze bekend maakt.
a. zorgverzekeraars als bedoeld in de Zorgverzekeringswet en
b. andere particuliere verzekeraars, zijnde financiële ondernemingen die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van verzekeraar uitoefenen.
2. De zorgautoriteit vermeldt de in het vorige lid bedoelde toerekening naar verzekeraars in een brief waarmee zij het bedrag, bedoeld in artikel 4, tweede lid, aan de desbetreffende instelling bekend maakt.
3. De zorgautoriteit vermeldt de in het eerste lid bedoelde toerekening voor de onderscheiden individuele verzekeraar in een brief waarmee zij het bedrag, bedoeld in artikel 4, tweede lid, aan deze bekend maakt.