BWBR0030379
Geldig vanaf 01-09-2011
Artikel 9
Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging NZa
1. Directeuren zijn met inachtneming van het bepaalde in het tweede, vijfde en zesde lid, voor de uitvoering van de werkzaamheden van hun directie, bevoegd om namens de NZa beschikkingen te nemen, met uitzondering van beschikkingen als bedoeld in de artikelen 76, 77, 78, 80 tot en met 89 Wmg en beschikkingen op bezwaar.
2. Directeuren zijn bevoegd om namens de NZa beschikkingen te nemen ten aanzien van de rechtspositie van het personeel van hun directie, met uitzondering van beschikkingen tot het aanstellen van unitmanagers, het vaststellen van beoordelingen van unitmanagers en de daaruit voortvloeiende besluiten, het bevorderen van unitmanagers, het aanstellen en bevorderen van personeel in salarisschaal 14 of hoger, beschikkingen tot ontslag anders dan op verzoek van de medewerker, disciplinaire straffen als bedoeld in het Algemeen rijksambtenarenreglement en beschikkingen op bezwaar.
3. Directeuren zijn bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan hun unitmanagers voor het nemen van beschikkingen betreffende tarieven, prestatiebeschrijvingen en aanmerkelijke marktmacht, verzoeken krachtens de Wet openbaarheid van bestuur en ten aanzien van de rechtspositie van het personeel van hun unit, met uitzondering van beschikkingen tot het aanstellen, het bevorderen en het ontslaan van personeel, het verlenen van een voorschot op het salaris, het geven van een gratificatie en het vaststellen van een beoordeling en de daaruit voortvloeiende besluiten.
4. De portefeuillehouders zijn bevoegd te beslissen op een niet-ontvankelijk bezwaar onderscheidenlijk een verzoek tot het instellen van rechtstreeks beroep tegen beschikkingen betreffende hun aandachtgebied en tot het vaststellen van beoordelingen van unitmanagers en de daaruit voortvloeiende besluiten.
5. In aanvulling op het in het derde lid bepaalde is de directeur van de directie Strategie en Juridische Zaken tevens bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan de unitmanager Juridische Zaken voor het nemen van dwangsombeschikkingen bij niet tijdig beslissen op een bezwaarschrift.
6. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde is de directeur van de directie Toezicht en Handhaving bevoegd tot het opleggen van de volgende beschikkingen die tot doel hebben het afdwingen van het verkrijgen van informatie: de aanwijzing, de last onder dwangsom, de invorderingsbeschikking, het dwangbevel en de rentebeschikking. Tevens is de directeur Toezicht en Handhaving bevoegd tot het ter openbare kennis brengen van genoemde aanwijzing en last onder dwangsom. De directeur Toezicht en Handhaving kan voor deze bevoegdheden ondermandaat en verdere machtiging verlenen aan de unitmanagers van de directie.
2. Directeuren zijn bevoegd om namens de NZa beschikkingen te nemen ten aanzien van de rechtspositie van het personeel van hun directie, met uitzondering van beschikkingen tot het aanstellen van unitmanagers, het vaststellen van beoordelingen van unitmanagers en de daaruit voortvloeiende besluiten, het bevorderen van unitmanagers, het aanstellen en bevorderen van personeel in salarisschaal 14 of hoger, beschikkingen tot ontslag anders dan op verzoek van de medewerker, disciplinaire straffen als bedoeld in het Algemeen rijksambtenarenreglement en beschikkingen op bezwaar.
3. Directeuren zijn bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan hun unitmanagers voor het nemen van beschikkingen betreffende tarieven, prestatiebeschrijvingen en aanmerkelijke marktmacht, verzoeken krachtens de Wet openbaarheid van bestuur en ten aanzien van de rechtspositie van het personeel van hun unit, met uitzondering van beschikkingen tot het aanstellen, het bevorderen en het ontslaan van personeel, het verlenen van een voorschot op het salaris, het geven van een gratificatie en het vaststellen van een beoordeling en de daaruit voortvloeiende besluiten.
4. De portefeuillehouders zijn bevoegd te beslissen op een niet-ontvankelijk bezwaar onderscheidenlijk een verzoek tot het instellen van rechtstreeks beroep tegen beschikkingen betreffende hun aandachtgebied en tot het vaststellen van beoordelingen van unitmanagers en de daaruit voortvloeiende besluiten.
5. In aanvulling op het in het derde lid bepaalde is de directeur van de directie Strategie en Juridische Zaken tevens bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan de unitmanager Juridische Zaken voor het nemen van dwangsombeschikkingen bij niet tijdig beslissen op een bezwaarschrift.
6. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde is de directeur van de directie Toezicht en Handhaving bevoegd tot het opleggen van de volgende beschikkingen die tot doel hebben het afdwingen van het verkrijgen van informatie: de aanwijzing, de last onder dwangsom, de invorderingsbeschikking, het dwangbevel en de rentebeschikking. Tevens is de directeur Toezicht en Handhaving bevoegd tot het ter openbare kennis brengen van genoemde aanwijzing en last onder dwangsom. De directeur Toezicht en Handhaving kan voor deze bevoegdheden ondermandaat en verdere machtiging verlenen aan de unitmanagers van de directie.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0030379
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl