BWBR0030210
Geldig vanaf 2011-07-05
Artikel 6
Aanwijzing transparante prestatiebeschrijvingen medisch specialistische zorg 2012
1. De zorgautoriteit stelt met ingang van 2012 voor behandelingen met dure geneesmiddelen als bedoeld in beleidsregel CU/BR-2017, zoals die luidt op het moment waarop deze aanwijzing in werking treedt, een toegevoegde prestatie vast voor de bekostiging van het geleverde dure geneesmiddel.
2. De toegevoegde prestatie als bedoeld in het eerste lid behoort tot het gereguleerde segment. Voor de prestatie geldt een maximumtarief.
3. De zorgautoriteit verwerkt met ingang van 2013 de inkoopvoordelen in de prestaties als bedoeld in het eerste lid.
4. De vorige leden zijn van overeenkomstige toepassing op de volgende geneesmiddelen:
a. adali-mumab (Humira), etanercept (Enbrel), certolizumab (Cimzia), golimumab (Simponi) en infliximab (Remicade), die behoren tot de therapeutische klasse van ‘TNF-alfaremmers’;
b. abatacept (Orencia), anakinra (Kineret), en ustekinumab (Stelara), welke drie producten net als de TNF-alfaremmers uitsluitend door een medisch specialist worden voorgeschreven bij indicaties waarbij ook de TNF-alfaremmers worden toegepast.
5. Het eerste tot en met derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op weesgeneesmiddelen als bedoeld in beleidsregel CU/BR-2018 zoals die luidt op het tijdstip waarop deze aanwijzing in werking treedt.
6. Het eerste tot en met derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op nieuwe geneesmiddelen die na de inwerkingtreding van deze aanwijzing onder de desbetreffende beleidregel voor voorheen dure of weesgeneesmiddelen worden gebracht.
7. De zorgautoriteit stelt criteria vast voor de beoordeling of de behandeling met een geneesmiddel wordt opgenomen in een prestatiebeschrijving in de vorm van een diagnose behandeling combinatie of in een prestatiebeschrijving als toegevoegde prestatie als bedoeld in het tweede lid.
2. De toegevoegde prestatie als bedoeld in het eerste lid behoort tot het gereguleerde segment. Voor de prestatie geldt een maximumtarief.
3. De zorgautoriteit verwerkt met ingang van 2013 de inkoopvoordelen in de prestaties als bedoeld in het eerste lid.
4. De vorige leden zijn van overeenkomstige toepassing op de volgende geneesmiddelen:
a. adali-mumab (Humira), etanercept (Enbrel), certolizumab (Cimzia), golimumab (Simponi) en infliximab (Remicade), die behoren tot de therapeutische klasse van ‘TNF-alfaremmers’;
b. abatacept (Orencia), anakinra (Kineret), en ustekinumab (Stelara), welke drie producten net als de TNF-alfaremmers uitsluitend door een medisch specialist worden voorgeschreven bij indicaties waarbij ook de TNF-alfaremmers worden toegepast.
5. Het eerste tot en met derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op weesgeneesmiddelen als bedoeld in beleidsregel CU/BR-2018 zoals die luidt op het tijdstip waarop deze aanwijzing in werking treedt.
6. Het eerste tot en met derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op nieuwe geneesmiddelen die na de inwerkingtreding van deze aanwijzing onder de desbetreffende beleidregel voor voorheen dure of weesgeneesmiddelen worden gebracht.
7. De zorgautoriteit stelt criteria vast voor de beoordeling of de behandeling met een geneesmiddel wordt opgenomen in een prestatiebeschrijving in de vorm van een diagnose behandeling combinatie of in een prestatiebeschrijving als toegevoegde prestatie als bedoeld in het tweede lid.