BWBR0030203 Geldig vanaf 2011-07-06
Artikel 8
Tijdelijk besluit laden en lossen binnenvaart
1. Voor zover de afzender of ontvanger het schip ophoudt nadat de laadtijd of lostijd is verstreken, telt elk uur als een overliguur en is met betrekking daartoe overliggeld verschuldigd.
2. Het overliggeld bedraagt voor elk overliguur:
a. voor motorschepen: € 6,25 vermeerderd met € 0,019 per m3 van de verplaatsing;
b. voor sleepschepen en duwbakken: 50% van de vergoeding voor motorschepen.
3. Voor de berekening van het overliggeld wordt de verplaatsing rekenkundig afgerond op hele m 3en het overliggeld per uur op centen.
2. Het overliggeld bedraagt voor elk overliguur:
a. voor motorschepen: € 6,25 vermeerderd met € 0,019 per m3 van de verplaatsing;
b. voor sleepschepen en duwbakken: 50% van de vergoeding voor motorschepen.
3. Voor de berekening van het overliggeld wordt de verplaatsing rekenkundig afgerond op hele m 3en het overliggeld per uur op centen.
- Citeren als
- Art. 8
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0030203
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl