BWBR0029930
Geldig vanaf 2011-05-04
Artikel 9
Regeling toezichtsbevoegdheden functionaris voor de gegevensbescherming SZW
1. Een ieder die werkzaam is onder het gezag van de minister dan wel een bewerker is verplicht aan de functionaris voor de gegevensbescherming binnen de door hem gestelde redelijke termijn alle medewerking te verlenen die hij redelijkerwijs kan vorderen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden.
2. De minister wijst op verzoek van de functionaris voor de gegevensbescherming één of meer ambtenaren aan die in voorkomend geval ten behoeve van de functionaris voor de gegevensbescherming systemen of bronnen van gegevens kunnen ontsluiten.
3. Het is aan de functionaris voor de gegevensbescherming om te bepalen of systemen of bronnen van gegevens voor zijn onderzoek relevante informatie kunnen bevatten.
2. De minister wijst op verzoek van de functionaris voor de gegevensbescherming één of meer ambtenaren aan die in voorkomend geval ten behoeve van de functionaris voor de gegevensbescherming systemen of bronnen van gegevens kunnen ontsluiten.
3. Het is aan de functionaris voor de gegevensbescherming om te bepalen of systemen of bronnen van gegevens voor zijn onderzoek relevante informatie kunnen bevatten.