BWBR0029640
Geldig vanaf 2011-02-24
Artikel 2
Regeling tegemoetkoming groentetelers Moerdijk
1. Een aanvraag tot verlening van een tegemoetkoming wordt ingediend bij het Productschap Tuinbouw met gebruikmaking van een daartoe door de het Productschap Tuinbouw verstrekt formulier.
2. Een volledige aanvraag tot verlening van de tegemoetkoming wordt ingediend uiterlijk 31 maart 2011. De beslistermijn start na die datum.
3. Een aanvraag tot verlening van de tegemoetkoming gaat ten minste vergezeld van een door een taxateur opgesteld taxatierapport waarin per soort vollegrondsgroente:
a. is aangegeven en met bewijs is onderbouwd het aantal eenheden vollegrondsgroente dat niet in de handel is gebracht;
b. indien de vollegrondsgroente waarop de aanvraag ziet, is geteeld in het gebied, aangegeven op de in bijlage 1 opgenomen kaart, bewijs wordt geleverd van het feit dat de groente, op 25 januari 2011 vanwege kwaliteitsverlies niet meer verhandelbaar was;
c. indien de vollegrondsgroente waarop de aanvraag ziet, is geteeld in het gebied, aangegeven op de in bijlage 2 aangegeven kaart, bewijs wordt geleverd van het feit dat de groente, op 19 januari 2011 vanwege kwaliteitsverlies niet meer verhandelbaar was;
d. is aangegeven en met bewijs is onderbouwd welk gedeelte van de vollegrondsgroente voor 5 januari 2011 waren geoogst en na 5 januari 2011 niet in de handel kon worden gebracht;
e. is aangegeven en met bewijs is onderbouwd welk gedeelte van de vollegrondsgroente na 5 januari 2011 zijn geoogst en niet in de handel is gebracht of op het land achter is gebleven, en
f. is aangegeven en met bewijs is onderbouwd dat de vollegrondsgroente is geteeld op een perceel dat is gelegen binnen het gebied, aangegeven op de in bijlage 1 of 2 opgenomen kaart.
2. Een volledige aanvraag tot verlening van de tegemoetkoming wordt ingediend uiterlijk 31 maart 2011. De beslistermijn start na die datum.
3. Een aanvraag tot verlening van de tegemoetkoming gaat ten minste vergezeld van een door een taxateur opgesteld taxatierapport waarin per soort vollegrondsgroente:
a. is aangegeven en met bewijs is onderbouwd het aantal eenheden vollegrondsgroente dat niet in de handel is gebracht;
b. indien de vollegrondsgroente waarop de aanvraag ziet, is geteeld in het gebied, aangegeven op de in bijlage 1 opgenomen kaart, bewijs wordt geleverd van het feit dat de groente, op 25 januari 2011 vanwege kwaliteitsverlies niet meer verhandelbaar was;
c. indien de vollegrondsgroente waarop de aanvraag ziet, is geteeld in het gebied, aangegeven op de in bijlage 2 aangegeven kaart, bewijs wordt geleverd van het feit dat de groente, op 19 januari 2011 vanwege kwaliteitsverlies niet meer verhandelbaar was;
d. is aangegeven en met bewijs is onderbouwd welk gedeelte van de vollegrondsgroente voor 5 januari 2011 waren geoogst en na 5 januari 2011 niet in de handel kon worden gebracht;
e. is aangegeven en met bewijs is onderbouwd welk gedeelte van de vollegrondsgroente na 5 januari 2011 zijn geoogst en niet in de handel is gebracht of op het land achter is gebleven, en
f. is aangegeven en met bewijs is onderbouwd dat de vollegrondsgroente is geteeld op een perceel dat is gelegen binnen het gebied, aangegeven op de in bijlage 1 of 2 opgenomen kaart.