BWBR0029423
Geldig vanaf 2011-01-19
Artikel 2
Instellingsbesluit Commissie Permanente Structuur en Dubbel Opstaptarief in de treinrailketen
De commissie heeft tot taak om haar bevindingen en aanbevelingen te rapporteren aan de Minister van Infrastructuur en Milieu over drie vragen:
1. Welke permanente structuur biedt een krachtige coördinatie en effectieve en efficiënte besluitvorming op die terreinen van de OV-chipkaart, die het niveau van individuele concessies overstijgen?
2. Wat is de omvang van het probleem van het dubbel opstaptarief in de treinrailketen? Draag op basis van het feitenonderzoek indien noodzakelijk aanbevelingen aan voor een structurele oplossing voor dit dubbel opstaptarief.
3. In hoeverre is ‘Single Check-in, Check-uit’ in de treinrailketen een voor de reiziger, een bestuurlijk, een financieel-economisch en bedrijfsmatig gewenste methode om de mogelijke verwarring, die bij de reiziger kan ontstaan bij het overstappen op treinstations met meerdere treinvervoerders, te voorkomen. De commissie zal de resultaten van de studie ‘Single Check-in, Check-uit in de treinrailketen’ en de begeleidende brief bij die studie (kenmerk dir.58/FLX/MB d.d. 27 augustus 2010) als uitgangspunt nemen.
1. Welke permanente structuur biedt een krachtige coördinatie en effectieve en efficiënte besluitvorming op die terreinen van de OV-chipkaart, die het niveau van individuele concessies overstijgen?
2. Wat is de omvang van het probleem van het dubbel opstaptarief in de treinrailketen? Draag op basis van het feitenonderzoek indien noodzakelijk aanbevelingen aan voor een structurele oplossing voor dit dubbel opstaptarief.
3. In hoeverre is ‘Single Check-in, Check-uit’ in de treinrailketen een voor de reiziger, een bestuurlijk, een financieel-economisch en bedrijfsmatig gewenste methode om de mogelijke verwarring, die bij de reiziger kan ontstaan bij het overstappen op treinstations met meerdere treinvervoerders, te voorkomen. De commissie zal de resultaten van de studie ‘Single Check-in, Check-uit in de treinrailketen’ en de begeleidende brief bij die studie (kenmerk dir.58/FLX/MB d.d. 27 augustus 2010) als uitgangspunt nemen.