BWBR0029360
Geldig vanaf 17-01-2024
Artikel 8.5
Deelregeling programmeringssubsidies Fonds Podiumkunsten
1. Het subsidie is gelijk aan het gerealiseerde tekort op de totale exploitatie van de betreffende editie van het festival tot een bepaald maximum.
2. Als de aanvraag betrekking heeft op een festival met een omzet groter dan € 25.000 of op een festival dat minimaal 3.000 bezoekers heeft getrokken, bedraagt de subsidie nooit meer dan 50% van de betaalde uitkoopsommen of brutogages voor Nederlandse bands waarvoor de betaalde brutogage of uitkoopsom minimaal € 225 en maximaal € 2.500 bedraagt en nooit meer dan € 3.500 per festival. In alle andere gevallen bedraagt het subsidie nooit meer dan 50% van de betaalde uitkoopsommen of brutogages voor Nederlandse bands en nooit meer dan € 2.000 per festival.
3. Als het subsidie op basis van het eerste dan wel tweede lid minder zou bedragen dan € 250,– wordt het subsidie op nihil bepaald.
2. Als de aanvraag betrekking heeft op een festival met een omzet groter dan € 25.000 of op een festival dat minimaal 3.000 bezoekers heeft getrokken, bedraagt de subsidie nooit meer dan 50% van de betaalde uitkoopsommen of brutogages voor Nederlandse bands waarvoor de betaalde brutogage of uitkoopsom minimaal € 225 en maximaal € 2.500 bedraagt en nooit meer dan € 3.500 per festival. In alle andere gevallen bedraagt het subsidie nooit meer dan 50% van de betaalde uitkoopsommen of brutogages voor Nederlandse bands en nooit meer dan € 2.000 per festival.
3. Als het subsidie op basis van het eerste dan wel tweede lid minder zou bedragen dan € 250,– wordt het subsidie op nihil bepaald.
- Citeren als
- Art. 8.5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029360
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl