BWBR0029348
Geldig vanaf 2011-01-01
Artikel 2
Regeling naturalisatietoets Curaçao 2011
1. De naturalisatietoets bestaat uit een onderdeel dat kennis van de staatsinrichting en maatschappij toetst, een onderdeel dat de mate van kennis van de Papiamentse taal toetst en een onderdeel dat de mate van kennis van de Nederlandse taal toetst. Ieder taalexamen examineert vier taalvaardigheden. Gebruik van een woordenboek is bij de naturalisatietoets niet toegestaan.
2. Het onderdeel dat de kennis van de staatsinrichting en maatschappij toetst, wordt afgenomen en beantwoord in de Papiamentse taal.
3. Het onderdeel dat de kennis van de staatsinrichting en maatschappij toetst, bevat vragen met betrekking tot de in de bijlage bij deze regeling genoemde thema’s van bevraging. De vragen richten zich naar de gestelde eindtermen.
4. Om te slagen voor de naturalisatietoets dient het niveau van taalbeheersing bij alle onderdelen aantoonbaar op ten minste niveau A2 van het Europees Raamwerk voor moderne vreemde talen te zijn afgelegd.
2. Het onderdeel dat de kennis van de staatsinrichting en maatschappij toetst, wordt afgenomen en beantwoord in de Papiamentse taal.
3. Het onderdeel dat de kennis van de staatsinrichting en maatschappij toetst, bevat vragen met betrekking tot de in de bijlage bij deze regeling genoemde thema’s van bevraging. De vragen richten zich naar de gestelde eindtermen.
4. Om te slagen voor de naturalisatietoets dient het niveau van taalbeheersing bij alle onderdelen aantoonbaar op ten minste niveau A2 van het Europees Raamwerk voor moderne vreemde talen te zijn afgelegd.