BWBR0029182
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 11
Regeling digitaal beheer BES
• 1. De zorgdrager draagt zorg voor het vastleggen en de bewaring van tenminste de volgende gegevens: • a. de benaming van de toepassingsprogrammatuur waarmee de archiefbescheiden zijn ontvangen en opgemaakt, inclusief het versienummer;
• b. de beschrijving van het platform, met naam en versie van de besturingsprogrammatuur en naam en type van de apparatuur;
• c. de documentatie die aangeeft hoe de toepassingsprogrammatuur heeft gewerkt met inbegrip van de nieuwere versies;
• d. een beschrijving van de opgeslagen bestanden, omvattende tenminste de volgende gegevens:
• e. de naam van het overheidsorgaan dat, en de benaming van het werkproces binnen hetwelk de archiefbescheiden zijn ontvangen of opgemaakt;
• f. de benaming en omvang van elk opgeslagen bestand;
• g. een specificatie van de archiefbescheiden, met begin- en einddatum;
• h. de relatie met andere bestanden;
• i. het opslagformaat;
• j. in voorkomende gevallen de toegepaste compressiemethode;
• k. de datum en het tijdstip van de opslag van het bestand op de gegevensdrager;
• l. in geval van een database: de documentatie over de structuur, tenminste omvattende een compleet logisch datamodel met beschrijving van de entiteiten.
• a. de benaming van de toepassingsprogrammatuur waarmee de archiefbescheiden zijn ontvangen en opgemaakt, inclusief het versienummer;
• b. de beschrijving van het platform, met naam en versie van de besturingsprogrammatuur en naam en type van de apparatuur;
• c. de documentatie die aangeeft hoe de toepassingsprogrammatuur heeft gewerkt met inbegrip van de nieuwere versies;
• d. een beschrijving van de opgeslagen bestanden, omvattende tenminste de volgende gegevens:
• e. de naam van het overheidsorgaan dat, en de benaming van het werkproces binnen hetwelk de archiefbescheiden zijn ontvangen of opgemaakt;
• f. de benaming en omvang van elk opgeslagen bestand;
• g. een specificatie van de archiefbescheiden, met begin- en einddatum;
• h. de relatie met andere bestanden;
• i. het opslagformaat;
• j. in voorkomende gevallen de toegepaste compressiemethode;
• k. de datum en het tijdstip van de opslag van het bestand op de gegevensdrager;
• l. in geval van een database: de documentatie over de structuur, tenminste omvattende een compleet logisch datamodel met beschrijving van de entiteiten.
• 2. Op de vastlegging en bewaring, bedoeld in het eerste lid, zijn de voor archiefbescheiden ingevolge artikel 12 van de Archiefwet BES geldende regels van overeenkomstige toepassing.
• b. de beschrijving van het platform, met naam en versie van de besturingsprogrammatuur en naam en type van de apparatuur;
• c. de documentatie die aangeeft hoe de toepassingsprogrammatuur heeft gewerkt met inbegrip van de nieuwere versies;
• d. een beschrijving van de opgeslagen bestanden, omvattende tenminste de volgende gegevens:
• e. de naam van het overheidsorgaan dat, en de benaming van het werkproces binnen hetwelk de archiefbescheiden zijn ontvangen of opgemaakt;
• f. de benaming en omvang van elk opgeslagen bestand;
• g. een specificatie van de archiefbescheiden, met begin- en einddatum;
• h. de relatie met andere bestanden;
• i. het opslagformaat;
• j. in voorkomende gevallen de toegepaste compressiemethode;
• k. de datum en het tijdstip van de opslag van het bestand op de gegevensdrager;
• l. in geval van een database: de documentatie over de structuur, tenminste omvattende een compleet logisch datamodel met beschrijving van de entiteiten.
• a. de benaming van de toepassingsprogrammatuur waarmee de archiefbescheiden zijn ontvangen en opgemaakt, inclusief het versienummer;
• b. de beschrijving van het platform, met naam en versie van de besturingsprogrammatuur en naam en type van de apparatuur;
• c. de documentatie die aangeeft hoe de toepassingsprogrammatuur heeft gewerkt met inbegrip van de nieuwere versies;
• d. een beschrijving van de opgeslagen bestanden, omvattende tenminste de volgende gegevens:
• e. de naam van het overheidsorgaan dat, en de benaming van het werkproces binnen hetwelk de archiefbescheiden zijn ontvangen of opgemaakt;
• f. de benaming en omvang van elk opgeslagen bestand;
• g. een specificatie van de archiefbescheiden, met begin- en einddatum;
• h. de relatie met andere bestanden;
• i. het opslagformaat;
• j. in voorkomende gevallen de toegepaste compressiemethode;
• k. de datum en het tijdstip van de opslag van het bestand op de gegevensdrager;
• l. in geval van een database: de documentatie over de structuur, tenminste omvattende een compleet logisch datamodel met beschrijving van de entiteiten.
• 2. Op de vastlegging en bewaring, bedoeld in het eerste lid, zijn de voor archiefbescheiden ingevolge artikel 12 van de Archiefwet BES geldende regels van overeenkomstige toepassing.
- Citeren als
- Art. 11
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029182
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl