BWBR0029014
Geldig vanaf 2011-01-01
Artikel 6
Subsidieregeling SWOV 2010
1. De aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend uiterlijk op 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het boekjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd, met dien verstande dat dit voor 2011 8 november 2010 is.
2. Onverminderd artikel 4:65 van de wetgaat de aanvraag vergezeld van:
a. een activiteitenplan, waarin in elk geval een uiteenzetting wordt gegeven van de projecten en producten ingedeeld per programmaonderdeel en waarbij de keuze van de projecten en producten is gebaseerd op het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2008–2020 en het daaruit voortvloeiende tweejaarlijkse Actieprogramma Verkeersveiligheid;
b. een opgave van het tijdstip waarop de projecten en de producten zijn afgerond voor zover van toepassing;
c. een begroting als bedoeld in artikel 4:63 van de wet, die tevens bevat de onderbouwing van het geraamde aantal uren per project, het gemiddelde van de de geraamde forfaitaire uurtarieven, alsmede de geraamde kosten derden per project;
d. een rapport van feitelijke bevindingen van een accountant ten aanzien van de berekening van de forfaitaire uurtarieven waarbij minimaal het volgende wordt aangegeven: 1°. bij de berekening is de door de minister goedgekeurde begroting gehanteerd;
2°. de berekening is gebaseerd op de systematiek van de Handleiding Overheidstarieven 2010;
3°. de berekeningssystematiek is jaarlijks toegepast gedurende de looptijd van deze regeling, en
4°. de gehanteerde tarieven zijn gebaseerd op de salarisschalen zoals vastgelegd in het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984, en
1°. bij de berekening is de door de minister goedgekeurde begroting gehanteerd;
2°. de berekening is gebaseerd op de systematiek van de Handleiding Overheidstarieven 2010;
3°. de berekeningssystematiek is jaarlijks toegepast gedurende de looptijd van deze regeling, en
4°. de gehanteerde tarieven zijn gebaseerd op de salarisschalen zoals vastgelegd in het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984, en
e. de omvang van de egalisatiereserve, bedoeld in artikel 15.
2. Onverminderd artikel 4:65 van de wetgaat de aanvraag vergezeld van:
a. een activiteitenplan, waarin in elk geval een uiteenzetting wordt gegeven van de projecten en producten ingedeeld per programmaonderdeel en waarbij de keuze van de projecten en producten is gebaseerd op het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2008–2020 en het daaruit voortvloeiende tweejaarlijkse Actieprogramma Verkeersveiligheid;
b. een opgave van het tijdstip waarop de projecten en de producten zijn afgerond voor zover van toepassing;
c. een begroting als bedoeld in artikel 4:63 van de wet, die tevens bevat de onderbouwing van het geraamde aantal uren per project, het gemiddelde van de de geraamde forfaitaire uurtarieven, alsmede de geraamde kosten derden per project;
d. een rapport van feitelijke bevindingen van een accountant ten aanzien van de berekening van de forfaitaire uurtarieven waarbij minimaal het volgende wordt aangegeven: 1°. bij de berekening is de door de minister goedgekeurde begroting gehanteerd;
2°. de berekening is gebaseerd op de systematiek van de Handleiding Overheidstarieven 2010;
3°. de berekeningssystematiek is jaarlijks toegepast gedurende de looptijd van deze regeling, en
4°. de gehanteerde tarieven zijn gebaseerd op de salarisschalen zoals vastgelegd in het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984, en
1°. bij de berekening is de door de minister goedgekeurde begroting gehanteerd;
2°. de berekening is gebaseerd op de systematiek van de Handleiding Overheidstarieven 2010;
3°. de berekeningssystematiek is jaarlijks toegepast gedurende de looptijd van deze regeling, en
4°. de gehanteerde tarieven zijn gebaseerd op de salarisschalen zoals vastgelegd in het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984, en
e. de omvang van de egalisatiereserve, bedoeld in artikel 15.