BWBR0028820
Geldig vanaf 2015-08-01
Artikel 6a
Regeling OCW-subsidies
1. In de gevallen, bedoeld in artikel 4:41, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, waarin het verstrekken van subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, legt de minister een door hem te bepalen vergoedingsplicht op.
2. Bij de vaststelling van de hoogte van de vergoeding worden activa gewaardeerd op hun actuele waarde. De waardebepaling van een onroerende zaak geschiedt door drie deskundigen. De minister en de subsidieontvanger wijzen elk een deskundige aan, die in onderling overleg een derde deskundige aanwijzen.
3. Het eerste lid is niet van toepassing, indien de activiteiten van de subsidieontvanger door een derde worden voortgezet en de activa en passiva met toestemming van de minister tegen boekwaarde aan die derde worden overgedragen.
2. Bij de vaststelling van de hoogte van de vergoeding worden activa gewaardeerd op hun actuele waarde. De waardebepaling van een onroerende zaak geschiedt door drie deskundigen. De minister en de subsidieontvanger wijzen elk een deskundige aan, die in onderling overleg een derde deskundige aanwijzen.
3. Het eerste lid is niet van toepassing, indien de activiteiten van de subsidieontvanger door een derde worden voortgezet en de activa en passiva met toestemming van de minister tegen boekwaarde aan die derde worden overgedragen.