BWBR0028807
Geldig vanaf 2010-10-09
Artikel 5
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Subsidiefaciliteit Burgerschap en Ontwikkelingssamenwerking (SBOS))
1. Bij de verdeling van de beschikbare middelen kan onderscheid worden gemaakt naar projecten, programma’s en categorieën activiteiten.
2. Voor de toepassing van deze beleidsregels wordt verstaan onder
a. Project: een samenhangend en in tijd en middelen begrensd geheel van activiteiten gericht op het bereiken van een vooraf omschreven resultaat, met een looptijd van niet langer dan een jaar.
b. Programma: een samenhangend geheel van projecten gericht op het bereiken van een vooraf omschreven resultaat en met een looptijd van langer dan een jaar.
3. Categorieën activiteiten zijn:
a. Categorie 1: projecten en programma’s gericht op de bevordering van meningsvorming over, bewustwording van en actieve betrokkenheid bij internationale samenwerking in de Nederlandse samenleving, voor zover niet behorend tot categorie 2 of 3.
b. Categorie 2: projecten als omschreven in categorie 1 waarvan een kleinschalig ontwikkelingsproject in een ontwikkelingsland deel uitmaakt.
c. Categorie 3: programma’s als omschreven in categorie 1 gericht op Nederlandse jongeren tussen 14 en 25 jaar waarvan een stage- of uitwisselingsprogramma in een ontwikkelingsland deel uitmaakt.
2. Voor de toepassing van deze beleidsregels wordt verstaan onder
a. Project: een samenhangend en in tijd en middelen begrensd geheel van activiteiten gericht op het bereiken van een vooraf omschreven resultaat, met een looptijd van niet langer dan een jaar.
b. Programma: een samenhangend geheel van projecten gericht op het bereiken van een vooraf omschreven resultaat en met een looptijd van langer dan een jaar.
3. Categorieën activiteiten zijn:
a. Categorie 1: projecten en programma’s gericht op de bevordering van meningsvorming over, bewustwording van en actieve betrokkenheid bij internationale samenwerking in de Nederlandse samenleving, voor zover niet behorend tot categorie 2 of 3.
b. Categorie 2: projecten als omschreven in categorie 1 waarvan een kleinschalig ontwikkelingsproject in een ontwikkelingsland deel uitmaakt.
c. Categorie 3: programma’s als omschreven in categorie 1 gericht op Nederlandse jongeren tussen 14 en 25 jaar waarvan een stage- of uitwisselingsprogramma in een ontwikkelingsland deel uitmaakt.