BWBR0028752
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 1567
Burgerlijk Wetboek BES Boek 7a
De verhuurder is door de aard van de overeenkomst, en zonder dat daartoe enig bijzonder beding vereist wordt, verplicht:
1°. om het verhuurde aan de huurder ter beschikking te stellen;
2°. om hetzelve te onderhouden in zodanige staat, dat het tot het gebruik, waartoe het verhuurd is, dienen kan;
3°. om de huurder het rustige genot daarvan te doen hebben, zolang de huur duurt.
1°. om het verhuurde aan de huurder ter beschikking te stellen;
2°. om hetzelve te onderhouden in zodanige staat, dat het tot het gebruik, waartoe het verhuurd is, dienen kan;
3°. om de huurder het rustige genot daarvan te doen hebben, zolang de huur duurt.
- Citeren als
- Art. 1567
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028752
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl