BWBR0028697
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 10
Regeling seinen luchtvaart BES
1. De seinen, opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4, worden gegeven met de hand, zo nodig voorzien van een middel ter verduidelijking of verlichting, waarbij de seiner zich heeft opgesteld met zijn gezicht gewend naar het luchtvaartuig op een plaats a. bij vliegtuigen: vóór de linkervleugel in het gezichtsveld van de bestuurder; en
b. bij helikopters: waar hij het best kan worden gezien door de bestuurder.
a. bij vliegtuigen: vóór de linkervleugel in het gezichtsveld van de bestuurder; en
b. bij helikopters: waar hij het best kan worden gezien door de bestuurder.
2. De seiner gebruikt geen seinen, wanneer het gebied waarin het luchtvaartuig wordt geleid, niet vrij is van voorwerpen die het luchtvaartuig zouden kunnen raken bij het opvolgen van de te geven aanwijzing.
3. De betekenis van de seinen blijft gelijk wanneer de seiner borden, verlichte stokken of lantaarns gebruikt.
b. bij helikopters: waar hij het best kan worden gezien door de bestuurder.
a. bij vliegtuigen: vóór de linkervleugel in het gezichtsveld van de bestuurder; en
b. bij helikopters: waar hij het best kan worden gezien door de bestuurder.
2. De seiner gebruikt geen seinen, wanneer het gebied waarin het luchtvaartuig wordt geleid, niet vrij is van voorwerpen die het luchtvaartuig zouden kunnen raken bij het opvolgen van de te geven aanwijzing.
3. De betekenis van de seinen blijft gelijk wanneer de seiner borden, verlichte stokken of lantaarns gebruikt.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028697
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl