BWBR0028681
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 550
Wetboek van Strafvordering BES
... 1 Indien de bereidverklaring niet wordt afgelegd, beveelt de rechter-commissaris dat de ophouding van de verdachte zal voortduren. 2 De ophouding is van kracht gedurende een in het bevel te bepalen termijn van ten hoogste vijf dagen welke ingaat op de dag van de tenuitvoerlegging. Artikel 102, eerste lid , is van overeenkomstige toepassing. Het bevel tot ophouding is dadelijk uitvoerbaar. 3 Op de vordering van de officier van justitie kan het bevel tot ophouding door de rechter-commissaris eenmaal met ten hoogste vijf dagen worden verlengd. De verdachte wordt in de gelegenheid gesteld op de vordering te worden gehoord. 4 De rechter-commissaris beslist met inachtneming van het eerste lid, zomede van de artikelen 548 en 549 . 5 De verdachte kan van het bevel tot ophouding binnen drie dagen na de tenuitvoerlegging in hoger beroep komen bij het Hof van Justitie dat beslist, na de verdachte te hebben gehoord.