BWBR0028560
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 7
Rijksbesluit overname geldleningen Nederlandse Antillen, Curaçao en Sint Maarten
1. De na sanering resterende schuldenlast, bedoeld in artikel 5, eerste lid, is het bedrag waarmee de totale nominale waarde van de door de desbetreffende entiteit aangegane geldleningen die ingevolge artikel 2 overgaan op de Staat der Nederlanden, het bedrag waarvoor de Staat der Nederlanden de sanering van de door de collectieve sector van die entiteit aangegane geldleningen op zich neemt, te boven gaat.
2. Het in het eerste lid bedoelde bedrag waarvoor de Staat der Nederlanden de sanering van de door de collectieve sector van de desbetreffende entiteit aangegane geldleningen op zich neemt, bedraagt:
a. voor het land de Nederlandse Antillen: NAf. 1.539.348.403;
b. voor het eilandgebied Curaçao: NAf. 1.894.555.638;
c. voor het eilandgebied Sint Maarten: nihil.
3. Alvorens de in het eerste lid bedoelde na sanering resterende schuldenlast te berekenen worden op de bedragen, bedoeld in het tweede lid, onderdelen a en b, de reeds voorafgaande aan de inwerkingtreding van dit besluit door de Staat der Nederlanden betaalde aflossingen van geldleningen, aangegaan door de collectieve sector van de desbetreffende entiteit, in mindering gebracht.
4. Het derde lid geldt niet voor aflossingen van in geldleningen omgezette betalingsachterstanden.
2. Het in het eerste lid bedoelde bedrag waarvoor de Staat der Nederlanden de sanering van de door de collectieve sector van de desbetreffende entiteit aangegane geldleningen op zich neemt, bedraagt:
a. voor het land de Nederlandse Antillen: NAf. 1.539.348.403;
b. voor het eilandgebied Curaçao: NAf. 1.894.555.638;
c. voor het eilandgebied Sint Maarten: nihil.
3. Alvorens de in het eerste lid bedoelde na sanering resterende schuldenlast te berekenen worden op de bedragen, bedoeld in het tweede lid, onderdelen a en b, de reeds voorafgaande aan de inwerkingtreding van dit besluit door de Staat der Nederlanden betaalde aflossingen van geldleningen, aangegaan door de collectieve sector van de desbetreffende entiteit, in mindering gebracht.
4. Het derde lid geldt niet voor aflossingen van in geldleningen omgezette betalingsachterstanden.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028560
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl