BWBR0028504
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 12
Besluit draadomroep en kabelinrichtingen BES
1. Een machtiging, aanvullende machtiging of ontheffing wordt verleend voor ten hoogste tien jaren.
2. De aan een machtiging te verbinden voorschriften kunnen mede betrekking hebben op:
a. de toewijzing van radiofrequenties waarop de draadomroep- of kabelinrichting mag uitzenden en het gebruik van de frequenties;
b. het aantal uit te zenden radiofrequenties via het kabelnet of de ether;
c. de aard, het doel en de hoedanigheid van de draadomroep- of kabelinrichting en het kabelnet die de machtiginghouder mag aanleggen en gebruiken;
d. de tot het zend- en ontvanggedeelte van de draadomroepinrichting behorende antenne-inrichting;
e. het zendvermogen van de draadomroepinrichting;
f. de wijze van installeren van de draadomroep- of kabelinrichting en het daarmee verbonden kabelnet;
g. de bescherming van informatie door middel van technische voorzieningen;
h. technische normen voor wat betreft beeld en geluidsdraaggolf, de samenstelling daarvan, de separatie en de toleranties van de frequenties;
i. de bediening en het gebruik van de inrichting;
j. de verantwoordelijkheid met betrekking tot het installeren, het onderhoud, de bedieningen, het gebruik van de inrichting en het kabelnet alsmede de uitzendingen via deze;
k. de lokatie van de draadomroep- of kabelinrichting;
l. het verstrekken van gegevens omtrent de volledige inrichting, het kabelnet, de machtiginghouder, de gebruikers, de lokatie van de inrichting, de signaalkwaliteit bij de gebruikers, welke voor de uitvoering van de bij of krachtens dit besluit gestelde regels noodzakelijk zijn;
m. de bescherming van de rechten van derden en de nakoming van bindende verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties.
2. De aan een machtiging te verbinden voorschriften kunnen mede betrekking hebben op:
a. de toewijzing van radiofrequenties waarop de draadomroep- of kabelinrichting mag uitzenden en het gebruik van de frequenties;
b. het aantal uit te zenden radiofrequenties via het kabelnet of de ether;
c. de aard, het doel en de hoedanigheid van de draadomroep- of kabelinrichting en het kabelnet die de machtiginghouder mag aanleggen en gebruiken;
d. de tot het zend- en ontvanggedeelte van de draadomroepinrichting behorende antenne-inrichting;
e. het zendvermogen van de draadomroepinrichting;
f. de wijze van installeren van de draadomroep- of kabelinrichting en het daarmee verbonden kabelnet;
g. de bescherming van informatie door middel van technische voorzieningen;
h. technische normen voor wat betreft beeld en geluidsdraaggolf, de samenstelling daarvan, de separatie en de toleranties van de frequenties;
i. de bediening en het gebruik van de inrichting;
j. de verantwoordelijkheid met betrekking tot het installeren, het onderhoud, de bedieningen, het gebruik van de inrichting en het kabelnet alsmede de uitzendingen via deze;
k. de lokatie van de draadomroep- of kabelinrichting;
l. het verstrekken van gegevens omtrent de volledige inrichting, het kabelnet, de machtiginghouder, de gebruikers, de lokatie van de inrichting, de signaalkwaliteit bij de gebruikers, welke voor de uitvoering van de bij of krachtens dit besluit gestelde regels noodzakelijk zijn;
m. de bescherming van de rechten van derden en de nakoming van bindende verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties.
- Citeren als
- Art. 12
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028504
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl