BWBR0028373
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 2
Besluit elektronische handtekeningen, certificaten en certificatiedienstverleners BES
1. Voor het aanmaken van elektronische handtekeningen worden de volgende veilige middelen geëist:
a. Gewaarborgd is ten minste dat via passende technieken en procedures: 1° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen in de praktijk slechts één keer kunnen voorkomen en de vertrouwelijkheid daarvan redelijkerwijs gegarandeerd is;
2° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen, met redelijke zekerheid, niet kunnen worden afgeleid en dat de handtekening beschermd is tegen vervalsing met de thans beschikbare technieken;
3° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen door de legitieme ondertekenaar op betrouwbare wijze kunnen worden beschermd tegen gebruik door anderen.
1° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen in de praktijk slechts één keer kunnen voorkomen en de vertrouwelijkheid daarvan redelijkerwijs gegarandeerd is;
2° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen, met redelijke zekerheid, niet kunnen worden afgeleid en dat de handtekening beschermd is tegen vervalsing met de thans beschikbare technieken;
3° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen door de legitieme ondertekenaar op betrouwbare wijze kunnen worden beschermd tegen gebruik door anderen.
b. De te ondertekenen gegevens mogen niet worden gewijzigd en niet mag worden belet dat deze gegevens vóór de ondertekening aan de ondertekenaar worden voorgelegd.
2. Voordat tot de aanmaak van een elektronische handtekening wordt overgegaan, wordt de ondertekenaar adequaat voorgelicht over de risico’s die aan de gekozen techniek zijn verbonden, zulks mede in vergelijking tot andere technieken.
a. Gewaarborgd is ten minste dat via passende technieken en procedures: 1° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen in de praktijk slechts één keer kunnen voorkomen en de vertrouwelijkheid daarvan redelijkerwijs gegarandeerd is;
2° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen, met redelijke zekerheid, niet kunnen worden afgeleid en dat de handtekening beschermd is tegen vervalsing met de thans beschikbare technieken;
3° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen door de legitieme ondertekenaar op betrouwbare wijze kunnen worden beschermd tegen gebruik door anderen.
1° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen in de praktijk slechts één keer kunnen voorkomen en de vertrouwelijkheid daarvan redelijkerwijs gegarandeerd is;
2° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen, met redelijke zekerheid, niet kunnen worden afgeleid en dat de handtekening beschermd is tegen vervalsing met de thans beschikbare technieken;
3° de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen door de legitieme ondertekenaar op betrouwbare wijze kunnen worden beschermd tegen gebruik door anderen.
b. De te ondertekenen gegevens mogen niet worden gewijzigd en niet mag worden belet dat deze gegevens vóór de ondertekening aan de ondertekenaar worden voorgelegd.
2. Voordat tot de aanmaak van een elektronische handtekening wordt overgegaan, wordt de ondertekenaar adequaat voorgelicht over de risico’s die aan de gekozen techniek zijn verbonden, zulks mede in vergelijking tot andere technieken.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028373
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl