BWBR0028359
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 1a
Besluit bevoegdheid uitoefening van de tandheelkunst BES
Tot de uitoefening van de tandheelkunst zijn, behalve de toegelaten geneeskundigen, uitsluitend bevoegd:
a. zij, die de hoedanigheid van tandarts hebben verkregen op de wijze zoals voorgeschreven in de terzake in Nederland geldende wettelijke bepalingen;
b. zij, die beschikken over een getuigschrift genoemd in bijlage V, onder 5.3.2 van de richtlijn nr. 2005/36/EG betreffende de erkenning van beroepskwalificaties;
c. zij, die beschikken over een getuigschrift genoemd in de bijlage bij dit besluit, voor zover dit getuigschrift is behaald als gevolg van een opleiding die is begonnen na de desbetreffende daarbij genoemde referentiedatum en indien deze is afgegeven door een daartoe bevoegde opleidingsinstelling;
d. zij, die op aanvrage van Onze Minister een verklaring hebben gekregen, inhoudende dat zij op basis van de door hen genoten opleiding vakbekwaam worden geacht om de tandheelkunst uit te oefenen.
a. zij, die de hoedanigheid van tandarts hebben verkregen op de wijze zoals voorgeschreven in de terzake in Nederland geldende wettelijke bepalingen;
b. zij, die beschikken over een getuigschrift genoemd in bijlage V, onder 5.3.2 van de richtlijn nr. 2005/36/EG betreffende de erkenning van beroepskwalificaties;
c. zij, die beschikken over een getuigschrift genoemd in de bijlage bij dit besluit, voor zover dit getuigschrift is behaald als gevolg van een opleiding die is begonnen na de desbetreffende daarbij genoemde referentiedatum en indien deze is afgegeven door een daartoe bevoegde opleidingsinstelling;
d. zij, die op aanvrage van Onze Minister een verklaring hebben gekregen, inhoudende dat zij op basis van de door hen genoten opleiding vakbekwaam worden geacht om de tandheelkunst uit te oefenen.
- Citeren als
- Art. 1a
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028359
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl