BWBR0028132
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 1
Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten
In deze wet wordt verstaan onder:
– begroting: begroting, bedoeld in de onderscheiden Staatsregelingen van de landen;
– bestuur: raad van ministers van het land Curaçao onderscheidenlijk ministerraad van het land Sint Maarten;
– collectieve sector: land Curaçao onderscheidenlijk land Sint Maarten tezamen met de rechtspersonen die met toepassing van artikel 23 als zodanig zijn aangewezen;
– college: College financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten, bedoeld in artikel 2, eerste lid;
– landen: landen Curaçao en Sint Maarten;
– land: land Curaçao of land Sint Maarten;
– geconsolideerde schuld: gezamenlijke schulden van de collectieve sector van een land in de vorm van leningen en betalingsachterstanden, met uitzondering van de onderlinge schulden binnen de desbetreffende collectieve sector;
– kapitaaluitgaven: uitgaven die ingevolge de geldende definitie van het System of National Accounts van de Verenigde Naties op de kapitaaldienst van de overheidsrekening worden geboekt;
– Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
– rentelast: uitgaven aan rente, toerekenbaar aan een begrotingsjaar, over de geconsolideerde schuld van een land;
– rentelastnorm: rentelast die overeenkomt met 5% van de gemiddelde gerealiseerde gezamenlijke inkomsten van de collectieve sector van een land, over de drie jaren voorafgaand aan het jaar waarin de begroting is of wordt ingediend;
– Staten: Staten van een land.
– begroting: begroting, bedoeld in de onderscheiden Staatsregelingen van de landen;
– bestuur: raad van ministers van het land Curaçao onderscheidenlijk ministerraad van het land Sint Maarten;
– collectieve sector: land Curaçao onderscheidenlijk land Sint Maarten tezamen met de rechtspersonen die met toepassing van artikel 23 als zodanig zijn aangewezen;
– college: College financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten, bedoeld in artikel 2, eerste lid;
– landen: landen Curaçao en Sint Maarten;
– land: land Curaçao of land Sint Maarten;
– geconsolideerde schuld: gezamenlijke schulden van de collectieve sector van een land in de vorm van leningen en betalingsachterstanden, met uitzondering van de onderlinge schulden binnen de desbetreffende collectieve sector;
– kapitaaluitgaven: uitgaven die ingevolge de geldende definitie van het System of National Accounts van de Verenigde Naties op de kapitaaldienst van de overheidsrekening worden geboekt;
– Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
– rentelast: uitgaven aan rente, toerekenbaar aan een begrotingsjaar, over de geconsolideerde schuld van een land;
– rentelastnorm: rentelast die overeenkomt met 5% van de gemiddelde gerealiseerde gezamenlijke inkomsten van de collectieve sector van een land, over de drie jaren voorafgaand aan het jaar waarin de begroting is of wordt ingediend;
– Staten: Staten van een land.
- Citeren als
- Art. 1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028132
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl