Artikel 1
In deze wet wordt verstaan onder:
a. arbeidsbeperking: het vanwege structurele lichamelijke, verstandelijke, psychische of psychosociale beperkingen niet in staat zijn tot het verdienen van het wettelijk minimumloon, doch wel tot tenminste 20% daarvan;
b. college: het college van burgemeester en wethouders van een aan de pilot deelnemende gemeente;
c. kring: inwoners van een aan de pilot deelnemende gemeente, die ten minste 23 jaar oud zijn en algemene bijstand ontvangen op grond van de Wet werk en bijstand of een uitkering op grond van een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen socialezekerheidswet;
d. dienstbetrekking: een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke dienstbetrekking;
e. doelgroep: personen uit de kring, die blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking behoren tot de doelgroep van de Wet sociale werkvoorziening en die niet werkzaam zijn in een dienstbetrekking als bedoeld in de artikelen 2 en 7 van die wet, alsmede personen uit de kring van wie met toepassing van artikel 4, eerste lid, is vastgesteld dat zij een arbeidsbeperking hebben;
f. loonwaarde: door het college vastgesteld percentage van het rechtens geldende loon voor de door een persoon met een arbeidsbeperking verrichte arbeid in een functie naar evenredigheid van de arbeidsprestatie in die functie van een gemiddelde werknemer met een soortgelijke opleiding en ervaring, die geen arbeidsbeperking heeft;
g. Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
h. werknemer: persoon uit de doelgroep, die een dienstbetrekking is aangegaan onder toepassing van artikel 7.
a. arbeidsbeperking: het vanwege structurele lichamelijke, verstandelijke, psychische of psychosociale beperkingen niet in staat zijn tot het verdienen van het wettelijk minimumloon, doch wel tot tenminste 20% daarvan;
b. college: het college van burgemeester en wethouders van een aan de pilot deelnemende gemeente;
c. kring: inwoners van een aan de pilot deelnemende gemeente, die ten minste 23 jaar oud zijn en algemene bijstand ontvangen op grond van de Wet werk en bijstand of een uitkering op grond van een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen socialezekerheidswet;
d. dienstbetrekking: een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke dienstbetrekking;
e. doelgroep: personen uit de kring, die blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking behoren tot de doelgroep van de Wet sociale werkvoorziening en die niet werkzaam zijn in een dienstbetrekking als bedoeld in de artikelen 2 en 7 van die wet, alsmede personen uit de kring van wie met toepassing van artikel 4, eerste lid, is vastgesteld dat zij een arbeidsbeperking hebben;
f. loonwaarde: door het college vastgesteld percentage van het rechtens geldende loon voor de door een persoon met een arbeidsbeperking verrichte arbeid in een functie naar evenredigheid van de arbeidsprestatie in die functie van een gemiddelde werknemer met een soortgelijke opleiding en ervaring, die geen arbeidsbeperking heeft;
g. Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
h. werknemer: persoon uit de doelgroep, die een dienstbetrekking is aangegaan onder toepassing van artikel 7.