BWBR0027705
Geldig vanaf 2010-06-10
Artikel 7
Smogregeling 2010
1. Indien ernstige smog is vastgesteld in één of meer agglomeraties of zones, stelt het RIVM gedeputeerde staten van de betreffende provincies, het ANP, de GGD, evenals het Departementaal Coördinatiecentrum Crisisbeheersing van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (DCC), onmiddellijk in kennis van:
a. de actuele kwaliteitsniveaus van zwaveldioxide, stikstofdioxide, ozon en zwevende deeltjes (PM10);
b. de alarmdrempel die wordt overschreden;
c. de hoogste uurgemiddelde concentratie en voor ozon de hoogste acht-uurgemiddelde concentratie;
d. de datum, het tijdstip van aanvang, de duur, de plaats en indien bekend de oorzaak van overschrijding van de betreffende alarmdrempel;
e. een gemotiveerde prognose van de kwaliteitsniveaus van zwaveldioxide, stikstofdioxide, ozon en zwevende deeltjes (PM10) voor de eerstvolgende middag, dag of dagen in het betreffende geografische gebied en de verwachte duur van de ernstige smog;
f. een beschrijving van de bevolkingsgroep of bevolkingsgroepen waarvoor ernstige smog risico’s kan inhouden voor de gezondheid, alsmede van te verwachten symptomen en door de bevolkingsgroep of bevolkingsgroepen te treffen voorzorgsmaatregelen, en
g. informatie over de stoffen waarvan het kwaliteitsniveau tijdelijk verhoogd is.
2. Op een dag die volgt op een dag dat ernstige smog is vastgesteld stelt het RIVM de in het eerste lid genoemde instanties ten minste eenmaal per dag in kennis van geactualiseerde gegevens als bedoeld in het eerste lid, onder a tot en met g.
3. De commissaris van de Koning doet van het optreden van ernstige smog zo spoedig mogelijk mededeling aan het publiek door middel van radio en televisie of op een andere door de commissaris te bepalen wijze. De mededeling omvat de informatie genoemd in het eerste lid, alsmede:
a. een verwijzing naar het Astma Fonds, de GGD en het RIVM als bronnen van nadere informatie over smog, en
b. indien van toepassing, gegevens over de belangrijkste bronsectoren die bijdragen aan de ernstige smog en aanbevelingen voor maatregelen om de emissies te verminderen.
4. Het eerste en derde lid zijn van overeenkomstige toepassing indien naar redelijke verwachting van het RIVM ernstige smog dreigt te ontstaan.
a. de actuele kwaliteitsniveaus van zwaveldioxide, stikstofdioxide, ozon en zwevende deeltjes (PM10);
b. de alarmdrempel die wordt overschreden;
c. de hoogste uurgemiddelde concentratie en voor ozon de hoogste acht-uurgemiddelde concentratie;
d. de datum, het tijdstip van aanvang, de duur, de plaats en indien bekend de oorzaak van overschrijding van de betreffende alarmdrempel;
e. een gemotiveerde prognose van de kwaliteitsniveaus van zwaveldioxide, stikstofdioxide, ozon en zwevende deeltjes (PM10) voor de eerstvolgende middag, dag of dagen in het betreffende geografische gebied en de verwachte duur van de ernstige smog;
f. een beschrijving van de bevolkingsgroep of bevolkingsgroepen waarvoor ernstige smog risico’s kan inhouden voor de gezondheid, alsmede van te verwachten symptomen en door de bevolkingsgroep of bevolkingsgroepen te treffen voorzorgsmaatregelen, en
g. informatie over de stoffen waarvan het kwaliteitsniveau tijdelijk verhoogd is.
2. Op een dag die volgt op een dag dat ernstige smog is vastgesteld stelt het RIVM de in het eerste lid genoemde instanties ten minste eenmaal per dag in kennis van geactualiseerde gegevens als bedoeld in het eerste lid, onder a tot en met g.
3. De commissaris van de Koning doet van het optreden van ernstige smog zo spoedig mogelijk mededeling aan het publiek door middel van radio en televisie of op een andere door de commissaris te bepalen wijze. De mededeling omvat de informatie genoemd in het eerste lid, alsmede:
a. een verwijzing naar het Astma Fonds, de GGD en het RIVM als bronnen van nadere informatie over smog, en
b. indien van toepassing, gegevens over de belangrijkste bronsectoren die bijdragen aan de ernstige smog en aanbevelingen voor maatregelen om de emissies te verminderen.
4. Het eerste en derde lid zijn van overeenkomstige toepassing indien naar redelijke verwachting van het RIVM ernstige smog dreigt te ontstaan.