BWBR0027600
Geldig vanaf 2010-07-01
Artikel 6
Besluit op het specifiek cultuurbeleid
1. De aanvraag voor een specifieke uitkering wordt uiterlijk zes maanden vóór de aanvang van de desbetreffende uitkeringsperiode ingediend. Bij ministeriële regeling kan een andere termijn worden vastgesteld.
2. In de aanvraag voor een specifieke uitkering geeft gedeputeerde staten of het college van burgemeester en wethouders aan welke:
a. doelen worden nagestreefd;
b. indicatoren de realisatie van deze doelen uitdrukken; en
c. kosten met het realiseren van deze doelen zullen zijn gemoeid.
3. Bij ministeriële regeling kunnen indicatoren worden vastgesteld.
4. Onze Minister kan bij ministeriële regeling bepalen dat gedeputeerde staten of het college van burgemeester en wethouders geen toepassing behoeft te geven aan het tweede lid, onderdeel b.
2. In de aanvraag voor een specifieke uitkering geeft gedeputeerde staten of het college van burgemeester en wethouders aan welke:
a. doelen worden nagestreefd;
b. indicatoren de realisatie van deze doelen uitdrukken; en
c. kosten met het realiseren van deze doelen zullen zijn gemoeid.
3. Bij ministeriële regeling kunnen indicatoren worden vastgesteld.
4. Onze Minister kan bij ministeriële regeling bepalen dat gedeputeerde staten of het college van burgemeester en wethouders geen toepassing behoeft te geven aan het tweede lid, onderdeel b.