Artikel 1
1. De aan het hoofd van de Centrale Afdeling Personeel & Organisatie krachtens de artikelen 7en 9 van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Algemene Zaken 2009verleende bevoegdheden worden verleend aan het plaatsvervangend hoofd van de Centrale Afdeling Personeel & Organisatie.
2. Het plaatsvervangend hoofd van de Centrale Afdeling Personeel & Organisatie maakt van de in het eerste lid aan hem verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik:
a. bij afwezigheid van het hoofd van de Centrale Afdeling Personeel & Organisatie en
b. in andere gevallen voor zover het aangelegenheden betreft die door het hoofd van de Centrale Afdeling Personeel & Organisatie aan hem zijn toevertrouwd.
2. Het plaatsvervangend hoofd van de Centrale Afdeling Personeel & Organisatie maakt van de in het eerste lid aan hem verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik:
a. bij afwezigheid van het hoofd van de Centrale Afdeling Personeel & Organisatie en
b. in andere gevallen voor zover het aangelegenheden betreft die door het hoofd van de Centrale Afdeling Personeel & Organisatie aan hem zijn toevertrouwd.