BWBR0027352
Geldig vanaf 2010-10-10
Artikel 45
Onderlinge regeling Curaçao, Sint Maarten en Nederland ex art. 38, eerste lid, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (samenwerking op het gebied van vreemdelingenketen)
Indien de voor de vreemdelingenketen verantwoordelijke minister van een land constateert dat door de wijze waarop de vreemdelingenketen in een van de landen functioneert, de uitvoering van de vreemdelingenketen in zijn land negatieve gevolgen ondervindt, dan treedt hij daarover in onderling overleg met de betrokken minister van dat andere land. Zo nodig stelt hij dit aan de orde in het overleg bedoeld in artikel 41. In dit overleg kunnen afspraken worden gemaakt over de maatregelen die het betrokken land kan treffen, de benodigde extra inzet van capaciteit en middelen en het verlenen van onderlinge bijstand.