BWBR0027269
Geldig vanaf 2010-02-24
Artikel 3
Regeling interpretatie luchtvaartactiviteiten handel in emissierechten
1. Een commerciële luchtvervoersonderneming die:
a. 243 vluchten of meer in een periode van vier maanden uitvoert, en
b. vluchten met een totale jaarlijkse emissie van 10.000 ton of meer uitvoert,
valt gedurende het gehele kalenderjaar waarin deze drempels worden bereikt of overschreden onder de reikwijdte van afdeling 16.2.2 van de Wet milieubeheer.
2. De lokale tijd van vertrek van de vlucht bepaalt welke periode van vier maanden als bedoeld in het eerste lid in aanmerking wordt genomen.
3. Bij de toepassing van het eerste lid worden vluchten als bedoeld in bijlage I, onder ‘Luchtvaart’, onder a tot en met i, bij de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten buiten beschouwing gelaten.
a. 243 vluchten of meer in een periode van vier maanden uitvoert, en
b. vluchten met een totale jaarlijkse emissie van 10.000 ton of meer uitvoert,
valt gedurende het gehele kalenderjaar waarin deze drempels worden bereikt of overschreden onder de reikwijdte van afdeling 16.2.2 van de Wet milieubeheer.
2. De lokale tijd van vertrek van de vlucht bepaalt welke periode van vier maanden als bedoeld in het eerste lid in aanmerking wordt genomen.
3. Bij de toepassing van het eerste lid worden vluchten als bedoeld in bijlage I, onder ‘Luchtvaart’, onder a tot en met i, bij de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten buiten beschouwing gelaten.