BWBR0027041
Geldig vanaf 2012-12-06
Artikel 24
Archiefregeling
In aanvulling op de metagegevens, bedoeld in artikel 19, tweede lid, koppelt de zorgdrager aan digitale archiefbescheiden metagegevens aan de hand waarvan te allen tijde gegevens over het navolgende kunnen worden herleid:
a. de oorspronkelijke technische aard van de digitale archiefbescheiden, alsmede van de hard- en softwareomgeving daarvan;
b. de actuele technische aard van de digitale archiefbescheiden, alsmede van de hard- en softwareomgeving daarvan, zodanig dat reproductie ervan te allen tijde mogelijk is; en
c. voor zover gebruik is gemaakt van een digitale handtekening: 1°. de houder van de digitale handtekening;
2°. het moment van validatie van de digitale handtekening, alsmede het resultaat daarvan;
3°. de voor de validatie verantwoordelijke functionaris; en
4°. voor zover bekend ten tijde van het werkproces: de identificatie van het certificaat van de digitale handtekening.
1°. de houder van de digitale handtekening;
2°. het moment van validatie van de digitale handtekening, alsmede het resultaat daarvan;
3°. de voor de validatie verantwoordelijke functionaris; en
4°. voor zover bekend ten tijde van het werkproces: de identificatie van het certificaat van de digitale handtekening.
a. de oorspronkelijke technische aard van de digitale archiefbescheiden, alsmede van de hard- en softwareomgeving daarvan;
b. de actuele technische aard van de digitale archiefbescheiden, alsmede van de hard- en softwareomgeving daarvan, zodanig dat reproductie ervan te allen tijde mogelijk is; en
c. voor zover gebruik is gemaakt van een digitale handtekening: 1°. de houder van de digitale handtekening;
2°. het moment van validatie van de digitale handtekening, alsmede het resultaat daarvan;
3°. de voor de validatie verantwoordelijke functionaris; en
4°. voor zover bekend ten tijde van het werkproces: de identificatie van het certificaat van de digitale handtekening.
1°. de houder van de digitale handtekening;
2°. het moment van validatie van de digitale handtekening, alsmede het resultaat daarvan;
3°. de voor de validatie verantwoordelijke functionaris; en
4°. voor zover bekend ten tijde van het werkproces: de identificatie van het certificaat van de digitale handtekening.