BWBR0026819
Geldig vanaf 2010-01-01
Artikel 2.2
Subsidieregeling internationaal ondernemen
1. De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een uitvoerder die een ondernemer ondersteunt bij het opstellen en uitvoeren van een internationaliseringsplan, tenzij het een ondernemer betreft:
a. aan wie geen subsidie op grond van artikel 2.7 kan worden verstrekt;
b. die zich uitsluitend bezighoudt met het beheer van een groep;
c. die op het tijdstip van indiening van de aanvraag meer dan 100 werknemers in dienst heeft;
d. die in de twaalf maanden voorafgaand aan de datum van indiening van de aanvraag meer dan 25 procent van zijn omzet uit exportactiviteiten behaalde, tenzij de ondernemer in die periode een omzet van ten hoogste € 100.000 heeft behaald;
e. die gedurende de twaalf maanden voorafgaand aan de aanvraag meer dan 3 procent van zijn totale fiscale omzet in het betreffende doelland heeft gerealiseerd, tenzij: 1°. die omzet met niet meer dan drie afnemers is gerealiseerd, of
2°. aannemelijk is gemaakt dat activiteiten ter zake van marktverkenning, partnerselectie of juridisch advies in redelijkheid noodzakelijk zijn voor zijn toegang tot een binnen dat doelland gelegen regio waarin hij nog niet actief is;
1°. die omzet met niet meer dan drie afnemers is gerealiseerd, of
2°. aannemelijk is gemaakt dat activiteiten ter zake van marktverkenning, partnerselectie of juridisch advies in redelijkheid noodzakelijk zijn voor zijn toegang tot een binnen dat doelland gelegen regio waarin hij nog niet actief is;
f. aan wie reeds subsidie is verleend op grond van dit artikel, artikel 2.7, de Subsidieregeling prepare2start of de Subsidieregeling programma starters op buitenlandse markten 2004 voor activiteiten in hetzelfde doelland;
g. aan wie op grond van de in onderdeel f genoemde regelingen reeds driemaal subsidie is verleend;
h. aan wie op grond van de in onderdeel f genoemde regelingen een subsidie is verleend die nog niet is vastgesteld.
2. In afwijking van het eerste lid, aanhef, en onderdeel f, verstrekt de minister ten hoogste eenmaal een subsidie aan een uitvoerder voor ondersteunen bij het opstellen en uitvoeren van een internationaliseringsplan gericht op hetzelfde doelland, indien aannemelijk wordt gemaakt dat activiteiten ter zake van marktverkenning, partnerselectie of juridisch advies in redelijkheid noodzakelijk zijn voor zijn toegang tot een binnen dat doelland gelegen regio, waarin de ondernemer nog niet actief is.
a. aan wie geen subsidie op grond van artikel 2.7 kan worden verstrekt;
b. die zich uitsluitend bezighoudt met het beheer van een groep;
c. die op het tijdstip van indiening van de aanvraag meer dan 100 werknemers in dienst heeft;
d. die in de twaalf maanden voorafgaand aan de datum van indiening van de aanvraag meer dan 25 procent van zijn omzet uit exportactiviteiten behaalde, tenzij de ondernemer in die periode een omzet van ten hoogste € 100.000 heeft behaald;
e. die gedurende de twaalf maanden voorafgaand aan de aanvraag meer dan 3 procent van zijn totale fiscale omzet in het betreffende doelland heeft gerealiseerd, tenzij: 1°. die omzet met niet meer dan drie afnemers is gerealiseerd, of
2°. aannemelijk is gemaakt dat activiteiten ter zake van marktverkenning, partnerselectie of juridisch advies in redelijkheid noodzakelijk zijn voor zijn toegang tot een binnen dat doelland gelegen regio waarin hij nog niet actief is;
1°. die omzet met niet meer dan drie afnemers is gerealiseerd, of
2°. aannemelijk is gemaakt dat activiteiten ter zake van marktverkenning, partnerselectie of juridisch advies in redelijkheid noodzakelijk zijn voor zijn toegang tot een binnen dat doelland gelegen regio waarin hij nog niet actief is;
f. aan wie reeds subsidie is verleend op grond van dit artikel, artikel 2.7, de Subsidieregeling prepare2start of de Subsidieregeling programma starters op buitenlandse markten 2004 voor activiteiten in hetzelfde doelland;
g. aan wie op grond van de in onderdeel f genoemde regelingen reeds driemaal subsidie is verleend;
h. aan wie op grond van de in onderdeel f genoemde regelingen een subsidie is verleend die nog niet is vastgesteld.
2. In afwijking van het eerste lid, aanhef, en onderdeel f, verstrekt de minister ten hoogste eenmaal een subsidie aan een uitvoerder voor ondersteunen bij het opstellen en uitvoeren van een internationaliseringsplan gericht op hetzelfde doelland, indien aannemelijk wordt gemaakt dat activiteiten ter zake van marktverkenning, partnerselectie of juridisch advies in redelijkheid noodzakelijk zijn voor zijn toegang tot een binnen dat doelland gelegen regio, waarin de ondernemer nog niet actief is.