BWBR0026643
Geldig vanaf 2009-11-18
Artikel 2
Beleidsregel verstrekking licentie Topsporttalentschool VO
1. De minister kan op grond van een aanvraag van het bevoegd gezag van een school een licentie Topsporttalentschool verstrekken.
2. Een aanvraag voor een licentie Topsporttalentschool wordt ingediend bij de minister.
3. Aanvragen voor een licentie Topsporttalentschool worden op volgorde van binnenkomst behandeld, met dien verstande, dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrechtde gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling door de minister is ontvangen, als datum van binnenkomst geldt.
4. Zeer zwakke en zwakke scholen komen niet in aanmerking voor een licentie Topsporttalentschool.
5. De aanvraag voor een licentie Topsporttalentschool dient uiterlijk 1 oktober van enig jaar te zijn ontvangen.
6. Stichting LOOT adviseert de minister over de aanvraag, uiterlijk 1 december van het desbetreffende jaar.
7. De minister besluit over het verstrekken van een licentie Topsporttalentschool uiterlijk 1 februari van het aansluitende jaar.
2. Een aanvraag voor een licentie Topsporttalentschool wordt ingediend bij de minister.
3. Aanvragen voor een licentie Topsporttalentschool worden op volgorde van binnenkomst behandeld, met dien verstande, dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrechtde gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling door de minister is ontvangen, als datum van binnenkomst geldt.
4. Zeer zwakke en zwakke scholen komen niet in aanmerking voor een licentie Topsporttalentschool.
5. De aanvraag voor een licentie Topsporttalentschool dient uiterlijk 1 oktober van enig jaar te zijn ontvangen.
6. Stichting LOOT adviseert de minister over de aanvraag, uiterlijk 1 december van het desbetreffende jaar.
7. De minister besluit over het verstrekken van een licentie Topsporttalentschool uiterlijk 1 februari van het aansluitende jaar.