BWBR0026536
Geldig vanaf 01-01-2007
Artikel B3-240.1
Verordening gedragscode
Bij de onderhandeling over het aanvaarden van een overige opdracht is het de accountant met overige opdrachten toegestaan een honorarium te bedingen dat door hem passend wordt geacht.
Het feit dat een accountant met overige opdrachten een lager honorarium vraagt dan een andere accountant met overige opdrachten of een registeraccountant met overige opdrachten is op zich niet strijdig met de beroepsethiek. Desondanks kan door de hoogte van het gevraagde honorarium een bedreiging ontstaan. Zo kan bijvoorbeeld door het behartigen van het eigenbelang sprake zijn van een bedreiging wegens een gebrek aan deskundigheid en zorgvuldigheid. Deze bedreiging zal met name een rol kunnen spelen indien het gevraagde honorarium dermate laag is dat het moeilijk zal zijn voor die prijs de opdracht in overeenstemming met de van toepassing zijnde beroepsvoorschriften uit te voeren.
Het feit dat een accountant met overige opdrachten een lager honorarium vraagt dan een andere accountant met overige opdrachten of een registeraccountant met overige opdrachten is op zich niet strijdig met de beroepsethiek. Desondanks kan door de hoogte van het gevraagde honorarium een bedreiging ontstaan. Zo kan bijvoorbeeld door het behartigen van het eigenbelang sprake zijn van een bedreiging wegens een gebrek aan deskundigheid en zorgvuldigheid. Deze bedreiging zal met name een rol kunnen spelen indien het gevraagde honorarium dermate laag is dat het moeilijk zal zijn voor die prijs de opdracht in overeenstemming met de van toepassing zijnde beroepsvoorschriften uit te voeren.
- Citeren als
- Art. B3-240.1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0026536
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl