BWBR0026198
Geldig vanaf 2009-07-30
Artikel 3
Regeling aanwijzing ex artikel 7 Wet marktordening gezondheidszorg inzake opschoning in verband met het opleidingsfonds AWBZ en Zvw
1. De zorgautoriteit hanteert onderstaande tabel in het kader van de aanvullende opschoning als bedoeld in artikel 2, met dien verstande dat het aantal te schonen opleidingsplaatsen klinische geriatrie in full time equivalenten en daarmee ook het ‘totaal te schonen bedrag’ voor klinische geriatrie in onderstaande tabel indicatief is en definitief wordt bepaald op basis van het aantal assistenten in opleiding zoals dat op 31 oktober 2009 is geregistreerd bij de Medisch Specialisten Registratie Commissie.
[tabel]
2. Bij de instellingen als bedoeld in artikel 1, onder a, worden de aangegeven bedragen tot een totaal van € 3.500.000,–. opgeschoond uit de resterende middelen voor BBL-opleidingen in de curatieve ggz vallend onder de Zvwdie niet zijn opgeschoond voor het stagefonds. Hiertoe worden de Zvw-budgetten geschoond voor de hiervoor in het eerste lid bedoelde bedragen.
3. Bij de instellingen als bedoeld in artikel 1, onder b, wordt een bedrag ter grootte van € 890.000,– opgeschoond uit resterende middelen voor BBL-opleidingen die per 1 januari 2009 niet zijn opgeschoond voor het stagefonds. De opschoning vindt plaats door middel van verlaging van de ZZP-tarieven in de langdurige ggz.
4. Bij de instellingen als bedoeld in artikel 1, onder a, en bij de instellingen als bedoeld in artikel 1, onder b, worden volgens een door de minister bij brief nader aangegeven verdeling bedragen opgeschoond tot een totaal bedrag, dat wordt bepaald door het aantal assistenten in opleiding tot klinisch geriater zoals dat op 31 oktober 2009 is geregistreerd bij de Medisch Specialisten Registratie Commissie te vermenigvuldigen met het opschoningsbedrag per fulltime equivalent vermeld in de tabel in het eerste lid.
[tabel]
2. Bij de instellingen als bedoeld in artikel 1, onder a, worden de aangegeven bedragen tot een totaal van € 3.500.000,–. opgeschoond uit de resterende middelen voor BBL-opleidingen in de curatieve ggz vallend onder de Zvwdie niet zijn opgeschoond voor het stagefonds. Hiertoe worden de Zvw-budgetten geschoond voor de hiervoor in het eerste lid bedoelde bedragen.
3. Bij de instellingen als bedoeld in artikel 1, onder b, wordt een bedrag ter grootte van € 890.000,– opgeschoond uit resterende middelen voor BBL-opleidingen die per 1 januari 2009 niet zijn opgeschoond voor het stagefonds. De opschoning vindt plaats door middel van verlaging van de ZZP-tarieven in de langdurige ggz.
4. Bij de instellingen als bedoeld in artikel 1, onder a, en bij de instellingen als bedoeld in artikel 1, onder b, worden volgens een door de minister bij brief nader aangegeven verdeling bedragen opgeschoond tot een totaal bedrag, dat wordt bepaald door het aantal assistenten in opleiding tot klinisch geriater zoals dat op 31 oktober 2009 is geregistreerd bij de Medisch Specialisten Registratie Commissie te vermenigvuldigen met het opschoningsbedrag per fulltime equivalent vermeld in de tabel in het eerste lid.