BWBR0026110
Geldig vanaf 2009-07-17
Artikel 9
Klachtenregeling KLPD 2009
1. Er is een klachtencommissie KLPD, die de korpschef adviseert over de afdoening van klachten die niet door middel van overleg met de klager of door bemiddeling worden afgedaan. Zij kan voorts de korpschef gevraagd of ongevraagd adviseren over de afdoening van andere klachten.
2. De commissie bestaat uit een oneven aantal van tenminste drie en maximaal zeven onafhankelijke leden, die worden benoemd en ontslagen door de minister.
3. De voorzitter en de overige leden van de commissie worden benoemd voor een periode van vier jaar. De leden van de commissie kunnen eenmaal worden herbenoemd voor een periode van vier jaar.
4. De korpschef wijst een ambtelijk secretaris aan. De ambtelijk secretaris is geen lid van de commissie.
5. In het geval een advies strekt tot het niet in behandeling nemen van een klacht op grond van artikel 9:8, eerste of tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, kan de commissie de advisering opdragen aan haar voorzitter.
6. De voorzitter en de overige leden van de commissie ontvangen een vergoeding per vergadering of zitting. De vergoeding voor de leden, met uitzondering van de voorzitter, bedraagt 3% van het maximum van salarisschaal 18 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984. De vergoeding voor de voorzitter bedraagt 130% van de hoogte van de vergoeding die de andere leden ontvangen.
7. De zittingen van de commissie zijn niet openbaar.
8. De commissie stelt in een huishoudelijk reglement nadere regels vast omtrent haar werkwijze.
2. De commissie bestaat uit een oneven aantal van tenminste drie en maximaal zeven onafhankelijke leden, die worden benoemd en ontslagen door de minister.
3. De voorzitter en de overige leden van de commissie worden benoemd voor een periode van vier jaar. De leden van de commissie kunnen eenmaal worden herbenoemd voor een periode van vier jaar.
4. De korpschef wijst een ambtelijk secretaris aan. De ambtelijk secretaris is geen lid van de commissie.
5. In het geval een advies strekt tot het niet in behandeling nemen van een klacht op grond van artikel 9:8, eerste of tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, kan de commissie de advisering opdragen aan haar voorzitter.
6. De voorzitter en de overige leden van de commissie ontvangen een vergoeding per vergadering of zitting. De vergoeding voor de leden, met uitzondering van de voorzitter, bedraagt 3% van het maximum van salarisschaal 18 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984. De vergoeding voor de voorzitter bedraagt 130% van de hoogte van de vergoeding die de andere leden ontvangen.
7. De zittingen van de commissie zijn niet openbaar.
8. De commissie stelt in een huishoudelijk reglement nadere regels vast omtrent haar werkwijze.