BWBR0025958
Geldig vanaf 2022-02-15
Artikel 3.30
Binnenvaartregeling
1. De aangewezen keuringsinstantie neemt deel in de commissie, bedoeld in artikel 1.20.
2. De keuringsinstantie verstrekt de minister onvoorwaardelijk en kosteloos informatie, benodigd voor het uitoefenen van toezicht. Deze omvat in ieder geval de door de accrediterende instelling opgestelde auditrapporten.
3. De keuringsinstantie verleent de minister onvoorwaardelijk medewerking aan audits en steekproeven.
4. De keuringsinstantie verstrekt de minister jaarlijks voor 1 maart een schriftelijke rapportage, overeenkomstig de daarvoor door de minister te stellen voorschriften of aanwijzingen, over de in het voorgaande kalenderjaar verrichtte onderzoeken.
2. De keuringsinstantie verstrekt de minister onvoorwaardelijk en kosteloos informatie, benodigd voor het uitoefenen van toezicht. Deze omvat in ieder geval de door de accrediterende instelling opgestelde auditrapporten.
3. De keuringsinstantie verleent de minister onvoorwaardelijk medewerking aan audits en steekproeven.
4. De keuringsinstantie verstrekt de minister jaarlijks voor 1 maart een schriftelijke rapportage, overeenkomstig de daarvoor door de minister te stellen voorschriften of aanwijzingen, over de in het voorgaande kalenderjaar verrichtte onderzoeken.