BWBR0025911
Geldig vanaf 2009-06-17
Artikel 12
Subsidieregeling maatschappelijke organisaties en milieu 2009
1. De minister betrekt bij de beoordeling van een subsidieaanvraag voor een project ten minste de volgende aspecten:
a. de mate van innovatie;
b. de oplossingsgerichtheid;
c. de betrokkenheid van burgers, lokale organisaties en andere maatschappelijke actoren;
d. de doelmatigheid;
e. de mate van voorbeeldwerking;
f. de efficiëntie;
g. de slaagkans van het project.
2. Onverminderd het eerste lid betrekt de minister bij de beoordeling van een subsidieaanvraag voor een project als bedoeld in artikel 10, onderdeel a, met name de mate waarin het bijdraagt aan één of meer van de in artikel 10, onderdeel a, onder 1° en 2°bedoelde doelen.
a. de mate van innovatie;
b. de oplossingsgerichtheid;
c. de betrokkenheid van burgers, lokale organisaties en andere maatschappelijke actoren;
d. de doelmatigheid;
e. de mate van voorbeeldwerking;
f. de efficiëntie;
g. de slaagkans van het project.
2. Onverminderd het eerste lid betrekt de minister bij de beoordeling van een subsidieaanvraag voor een project als bedoeld in artikel 10, onderdeel a, met name de mate waarin het bijdraagt aan één of meer van de in artikel 10, onderdeel a, onder 1° en 2°bedoelde doelen.