BWBR0025888
Geldig vanaf 2009-05-29
Artikel 1.3
Tijdelijke sloopregeling personen- en bestelauto’s
De subsidievaststelling geschiedt in volgorde van de datum van ontvangst van de aanvragen tot subsidieverlening, met dien verstande dat:
a. indien de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag is aangevuld als datum van ontvangst van de aanvraag geldt;
b. indien niet binnen zes maanden na de datum van ontvangst van de aanvraag tot subsidieverlening de registratie van demontage van het voertuig in het kentekenregister, en de tenaamstelling van de vervangende auto heeft plaatsgevonden, de datum van ontvangst van de aanvraag tot subsidievaststelling voor de in de aanhef genoemde datum in de plaats treedt.
a. indien de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag is aangevuld als datum van ontvangst van de aanvraag geldt;
b. indien niet binnen zes maanden na de datum van ontvangst van de aanvraag tot subsidieverlening de registratie van demontage van het voertuig in het kentekenregister, en de tenaamstelling van de vervangende auto heeft plaatsgevonden, de datum van ontvangst van de aanvraag tot subsidievaststelling voor de in de aanhef genoemde datum in de plaats treedt.