BWBR0025075
Geldig vanaf 2009-01-02
Artikel 4
Regeling Uitstapprogramma’s Prostituees
1. De minister geeft een beschikking binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag.
2. De minister wint omtrent de aanvraag het advies in van een beoordelingscommissie waarin in ieder geval zijn vertegenwoordigd het Ministerie van Justitie en het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
3. De minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag indien:
a. de aanvraag niet voldoet aan de voorschriften in deze regeling;
b. subsidieverzoeker onvoldoende aannemelijk maakt de capaciteit te hebben om het project naar behoren te ontwikkelen, te faciliteren of uit te voeren.
4. De minister verdeelt het beschikbare budget in de volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat indien een aanvrager niet heeft voldaan aan de voorschriften genoemd in artikel 3en met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrechtin de gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag voldoet aan de voorschriften genoemd in artikel 3als datum van ontvangst geldt.
5. Bij de subsidieverlening kunnen nadere verplichtingen worden opgelegd, die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie.
2. De minister wint omtrent de aanvraag het advies in van een beoordelingscommissie waarin in ieder geval zijn vertegenwoordigd het Ministerie van Justitie en het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
3. De minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag indien:
a. de aanvraag niet voldoet aan de voorschriften in deze regeling;
b. subsidieverzoeker onvoldoende aannemelijk maakt de capaciteit te hebben om het project naar behoren te ontwikkelen, te faciliteren of uit te voeren.
4. De minister verdeelt het beschikbare budget in de volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat indien een aanvrager niet heeft voldaan aan de voorschriften genoemd in artikel 3en met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrechtin de gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag voldoet aan de voorschriften genoemd in artikel 3als datum van ontvangst geldt.
5. Bij de subsidieverlening kunnen nadere verplichtingen worden opgelegd, die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie.