Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. Minister: de Minister van Veiligheid en Justitie;
b. wet: de Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties;
c. aanvraag: de aanvraag van een migrerende beroepsbeoefenaar tot het verkrijgen van een erkenning van EG-beroepskwalificaties, bedoeld in artikel 5 van de wet, ten aanzien van een met name genoemd gereglementeerd rechterlijk beroep;
d. aanvrager: de migrerende beroepsbeoefenaar die een aanvraag indient;
e. proeve van bekwaamheid: de proeve van bekwaamheid, bedoeld in artikel 1 van de wet;
f. gereglementeerd rechterlijk beroep: 1°. rechterlijk ambtenaar met rechtspraak belast, werkzaam bij de Hoge Raad, een gerechtshof of een rechtbank;
2°. rechterlijk ambtenaar, werkzaam bij het parket bij de Hoge Raad;
3°. rechterlijk ambtenaar, werkzaam bij het openbaar ministerie;
4°. lid met rechtspraak belast, werkzaam bij de Centrale Raad van Beroep of het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
5°. gerechtsauditeur bij een van de bovengenoemde gerechten;
6°. lid van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Wet op de Raad van State;
7°. griffier of substituut-griffier van de Hoge Raad;
8°. rechterlijk ambtenaar in opleiding.
1°. rechterlijk ambtenaar met rechtspraak belast, werkzaam bij de Hoge Raad, een gerechtshof of een rechtbank;
2°. rechterlijk ambtenaar, werkzaam bij het parket bij de Hoge Raad;
3°. rechterlijk ambtenaar, werkzaam bij het openbaar ministerie;
4°. lid met rechtspraak belast, werkzaam bij de Centrale Raad van Beroep of het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
5°. gerechtsauditeur bij een van de bovengenoemde gerechten;
6°. lid van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Wet op de Raad van State;
7°. griffier of substituut-griffier van de Hoge Raad;
8°. rechterlijk ambtenaar in opleiding.
a. Minister: de Minister van Veiligheid en Justitie;
b. wet: de Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties;
c. aanvraag: de aanvraag van een migrerende beroepsbeoefenaar tot het verkrijgen van een erkenning van EG-beroepskwalificaties, bedoeld in artikel 5 van de wet, ten aanzien van een met name genoemd gereglementeerd rechterlijk beroep;
d. aanvrager: de migrerende beroepsbeoefenaar die een aanvraag indient;
e. proeve van bekwaamheid: de proeve van bekwaamheid, bedoeld in artikel 1 van de wet;
f. gereglementeerd rechterlijk beroep: 1°. rechterlijk ambtenaar met rechtspraak belast, werkzaam bij de Hoge Raad, een gerechtshof of een rechtbank;
2°. rechterlijk ambtenaar, werkzaam bij het parket bij de Hoge Raad;
3°. rechterlijk ambtenaar, werkzaam bij het openbaar ministerie;
4°. lid met rechtspraak belast, werkzaam bij de Centrale Raad van Beroep of het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
5°. gerechtsauditeur bij een van de bovengenoemde gerechten;
6°. lid van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Wet op de Raad van State;
7°. griffier of substituut-griffier van de Hoge Raad;
8°. rechterlijk ambtenaar in opleiding.
1°. rechterlijk ambtenaar met rechtspraak belast, werkzaam bij de Hoge Raad, een gerechtshof of een rechtbank;
2°. rechterlijk ambtenaar, werkzaam bij het parket bij de Hoge Raad;
3°. rechterlijk ambtenaar, werkzaam bij het openbaar ministerie;
4°. lid met rechtspraak belast, werkzaam bij de Centrale Raad van Beroep of het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
5°. gerechtsauditeur bij een van de bovengenoemde gerechten;
6°. lid van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Wet op de Raad van State;
7°. griffier of substituut-griffier van de Hoge Raad;
8°. rechterlijk ambtenaar in opleiding.