BWBR0024896
Geldig vanaf 2009-01-01
Artikel 6
Besluit beëdigde tolken en vertalers
1. Bij de aanvraag tot inschrijving of verlenging worden, naast het ingevulde en ondertekende formulier, in elk geval de volgende bescheiden verstrekt:
a. de verklaring omtrent het gedrag, genoemd in artikel 4, tweede lid, van de wet;
b. het getuigschrift, genoemd in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, en artikel 8, tweede lid, onderdeel a;
c. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
d. een goed gelijkende pasfoto; en
e. een document waaruit blijkt dat verzoeker, indien relevant, in Nederland mag verblijven en werken.
2. In plaats van het origineel van het getuigschrift, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, en artikel 8, tweede lid, onderdeel a, kan ook een gewaarmerkte kopie worden overgelegd.
a. de verklaring omtrent het gedrag, genoemd in artikel 4, tweede lid, van de wet;
b. het getuigschrift, genoemd in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, en artikel 8, tweede lid, onderdeel a;
c. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
d. een goed gelijkende pasfoto; en
e. een document waaruit blijkt dat verzoeker, indien relevant, in Nederland mag verblijven en werken.
2. In plaats van het origineel van het getuigschrift, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, en artikel 8, tweede lid, onderdeel a, kan ook een gewaarmerkte kopie worden overgelegd.