BWBR0024576
Geldig vanaf 2008-10-09
Artikel 3
Instellingsbesluit stuurgroep aanpak kindermishandeling
1. De stuurgroep heeft tot taak:
a. het actief uitdragen van het maatschappelijke belang dat er meer werk gemaakt moet worden van de aanpak van kindermishandeling o.a. via het houden van speeches, publiceren van artikelen en optreden in de media;
b. het bewaken van de voortgang van het actieplan ‘Aanpak Kindermishandeling’;
c. op een actieve en stimulerende manier aandacht te vragen voor de RAAK-aanpak bij beroepsgroepen, lokale en provinciale bestuurders en deze groep te overtuigen van het grote belang om de RAAK-aanpak te implementeren;
d. beleidsvoorstellen over de aanpak van kindermishandeling te beoordelen en hierover zijn zienswijze te geven aan de ministers;
e. het bijdragen aan de bewustwording dat alle burgers medeverantwoordelijkheid dragen voor het welzijn van de kinderen in onze maatschappij;
f. het functioneren als ambassadeur zowel intern als extern betreffende de aanpak van kindermishandeling.
2. De stuurgroep maakt een jaarplan en legt dit ter goedkeuring aan de ministers voor.
3. De ministers kunnen de stuurgroep ten aanzien van de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, bijzondere aanwijzingen geven.
4. De stuurgroep kan op verzoek van de ministers of uit eigen beweging aanbevelingen doen over het plan van ‘Aanpak Kindermishandeling’.
a. het actief uitdragen van het maatschappelijke belang dat er meer werk gemaakt moet worden van de aanpak van kindermishandeling o.a. via het houden van speeches, publiceren van artikelen en optreden in de media;
b. het bewaken van de voortgang van het actieplan ‘Aanpak Kindermishandeling’;
c. op een actieve en stimulerende manier aandacht te vragen voor de RAAK-aanpak bij beroepsgroepen, lokale en provinciale bestuurders en deze groep te overtuigen van het grote belang om de RAAK-aanpak te implementeren;
d. beleidsvoorstellen over de aanpak van kindermishandeling te beoordelen en hierover zijn zienswijze te geven aan de ministers;
e. het bijdragen aan de bewustwording dat alle burgers medeverantwoordelijkheid dragen voor het welzijn van de kinderen in onze maatschappij;
f. het functioneren als ambassadeur zowel intern als extern betreffende de aanpak van kindermishandeling.
2. De stuurgroep maakt een jaarplan en legt dit ter goedkeuring aan de ministers voor.
3. De ministers kunnen de stuurgroep ten aanzien van de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, bijzondere aanwijzingen geven.
4. De stuurgroep kan op verzoek van de ministers of uit eigen beweging aanbevelingen doen over het plan van ‘Aanpak Kindermishandeling’.