BWBR0024446
Geldig vanaf 2009-09-09
Artikel 2
Subsidieregeling stageplaatsen zorg
1. De Minister kan aan een stageaanbieder jaarlijks op aanvraag een subsidie verstrekken voor het realiseren van stageplaatsen. De subsidie voor een zorgopleiding als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, onder 1° en 3°, bestaat uit een tegemoetkoming in de begeleidingskosten en voor een zorgopleiding als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, onder 2° en 4°, uit een tegemoetkoming in de loonkosten.
2. De subsidie wordt per studiejaar verstrekt.
3. De subsidie wordt ten laatste verstrekt voor het studiejaar dat eindigt in 2011.
4. De subsidie voor een stageaanbieder ten behoeve van het realiseren van stageplaatsen in enig studiejaar bestaat uit het bedrag dat wordt berekend met de formule (P1 * Q1) + (P2 * Q2) + (P3 * Q3), waarbij wordt verstaan onder:
P1 een normbedrag van € 1.637,–;
Q1 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlage 1 tot en met 4 onder categorie A is geplaatst;
P2 een normbedrag van € 1.056,–;
Q2 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlage 1 tot en met 4 onder categorie B is geplaatst;
P3 een normbedrag van € 2.858,–;
Q3 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlage 1 tot en met 4 onder categorie C is geplaatst.
5. Tenzij de stageaanbieder bij de aanvraag een ander aantal gerealiseerde stageplaatsen opgeeft, ontleent de Minister, door tussenkomst van Stichting Calibris, het aantal gerealiseerde stageplaatsen, bedoeld in het vorige lid:
a. voor een zorgopleiding bij een onderwijsinstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 1°, aan het basisregister onderwijs, bedoeld in artikel 24b van de Wet op het onderwijstoezicht;
b. voor een zorgopleiding bij een onderwijsinstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 2°, 3° of 4°, aan gegevens die de Minister zijn verstrekt door de onderwijsinstelling.
6. Indien de stageaanbieder bij de aanvraag een hoger aantal gerealiseerde stageplaatsen opgeeft:
a. is de aanvraag voorzien van een assurancerapport van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, overeenkomstig een door de Minister vastgesteld controleprotocol en modelassurancerapport, met betrekking tot alle gerealiseerde stageplaatsen waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;
b. draagt de stageaanbieder er zorg voor dat de accountant meewerkt aan door of namens de Rijksauditdienst in te stellen onderzoeken naar de door de accountant verrichte (controle)werkzaamheden.
2. De subsidie wordt per studiejaar verstrekt.
3. De subsidie wordt ten laatste verstrekt voor het studiejaar dat eindigt in 2011.
4. De subsidie voor een stageaanbieder ten behoeve van het realiseren van stageplaatsen in enig studiejaar bestaat uit het bedrag dat wordt berekend met de formule (P1 * Q1) + (P2 * Q2) + (P3 * Q3), waarbij wordt verstaan onder:
P1 een normbedrag van € 1.637,–;
Q1 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlage 1 tot en met 4 onder categorie A is geplaatst;
P2 een normbedrag van € 1.056,–;
Q2 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlage 1 tot en met 4 onder categorie B is geplaatst;
P3 een normbedrag van € 2.858,–;
Q3 het aantal bij de desbetreffende stageaanbieder gerealiseerde stageplaatsen in het kader van een zorgopleiding die in de bijlage 1 tot en met 4 onder categorie C is geplaatst.
5. Tenzij de stageaanbieder bij de aanvraag een ander aantal gerealiseerde stageplaatsen opgeeft, ontleent de Minister, door tussenkomst van Stichting Calibris, het aantal gerealiseerde stageplaatsen, bedoeld in het vorige lid:
a. voor een zorgopleiding bij een onderwijsinstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 1°, aan het basisregister onderwijs, bedoeld in artikel 24b van de Wet op het onderwijstoezicht;
b. voor een zorgopleiding bij een onderwijsinstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 2°, 3° of 4°, aan gegevens die de Minister zijn verstrekt door de onderwijsinstelling.
6. Indien de stageaanbieder bij de aanvraag een hoger aantal gerealiseerde stageplaatsen opgeeft:
a. is de aanvraag voorzien van een assurancerapport van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, overeenkomstig een door de Minister vastgesteld controleprotocol en modelassurancerapport, met betrekking tot alle gerealiseerde stageplaatsen waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;
b. draagt de stageaanbieder er zorg voor dat de accountant meewerkt aan door of namens de Rijksauditdienst in te stellen onderzoeken naar de door de accountant verrichte (controle)werkzaamheden.