BWBR0024388
Geldig vanaf 2008-08-27
Artikel 3
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar parkeercontroleurs gemeente Haarlem 2008
1. De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot het opsporen van feiten, strafbaar gesteld bij of krachtens:
a. de Wegenverkeerswet 1994, de toepassing van deze bevoegdheid dient zich te beperken tot stilstaand verkeer met uitzondering van de artikel 5, 6, 10, 60, 62 en 82 van het RVV 1990;
b. artikel 8a van de Politiewet 1993;
c. artikelen 177, 179, 180, 184, 266, 267, 435, onder ten vierde, 447e van het Wetboek van Strafrecht;
d. de verordeningen en of Keuren voor zover betrokkene daarvoor door het bevoegde bestuursorgaan is aangewezen.
2. De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van de gemeente Haarlem.
a. de Wegenverkeerswet 1994, de toepassing van deze bevoegdheid dient zich te beperken tot stilstaand verkeer met uitzondering van de artikel 5, 6, 10, 60, 62 en 82 van het RVV 1990;
b. artikel 8a van de Politiewet 1993;
c. artikelen 177, 179, 180, 184, 266, 267, 435, onder ten vierde, 447e van het Wetboek van Strafrecht;
d. de verordeningen en of Keuren voor zover betrokkene daarvoor door het bevoegde bestuursorgaan is aangewezen.
2. De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van de gemeente Haarlem.