BWBR0024380
Geldig vanaf 2008-08-21
Artikel 4
Regeling erkenning EG-beroepskwalificaties politiepersoneel
1. In het geval de Minister een compenserende maatregel noodzakelijk vindt en de aanvrager voor een aanpassingsstage kiest, wordt de aanvrager meegedeeld:
a. op welke vakgebieden de aanpassingsstage betrekking heeft;
b. de duur van de aanpassingsstage.
2. Een aanpassingsstage kan worden gedaan bij:
a. een regionale eenheid, of
b. een landelijke eenheid.
3. De korpschef wijst een begeleider aan.
4. De begeleider brengt een rapport en een advies uit aan de Minister. De Minister stelt op basis hiervan het resultaat van de aanpassingsstage vast.
5. De Minister deelt het resultaat van de aanpassingsstage zo spoedig mogelijk mee aan de aanvrager.
a. op welke vakgebieden de aanpassingsstage betrekking heeft;
b. de duur van de aanpassingsstage.
2. Een aanpassingsstage kan worden gedaan bij:
a. een regionale eenheid, of
b. een landelijke eenheid.
3. De korpschef wijst een begeleider aan.
4. De begeleider brengt een rapport en een advies uit aan de Minister. De Minister stelt op basis hiervan het resultaat van de aanpassingsstage vast.
5. De Minister deelt het resultaat van de aanpassingsstage zo spoedig mogelijk mee aan de aanvrager.